26-06-07

landbouwhervorming in Tibet

hectares

wat te doen met zoveel hectaren?

Twee befaamde Amerikaanse vorsers, Melvyn Goldstein en Cynthia M. Beall –beiden spreken Tibetaans -, samen met twee Chinese experts, Ben Jiao en Phuntsog Tsering, hielden van 1997 tot 2000 een grondige enquête in 13 afgelegen dorpen van vier verschillende Tibetaanse districten. Zij ondervroegen 780 gezinnen, waarbij ze benadrukken dat hun bewegingen en hun vragen helemaal niet gecontroleerd, gevolgd noch gedicteerd werden door functionarissen. Het onderwerp van het onderzoek was de impact van de hervormingen in de landbouw sinds 1980, toen het “commune systeem” vervangen werd door contracten per huishouden. Het resultaat van het onderzoek is vrij verhelderend op velerlei gebied en spreekt een aantal verhalen tegen die in onze hoofden rondwaren, van Boeddha weet waar die komen. Een vlugge opsomming.

* de gemiddelde grootte van de gezinnen is 7 personen.

* alle gezinnen zijn Tibetaans, geen enkele Han noch Hui familie, zelfs in de winkeltjes en in de bestuursorganen.

* men eet nu dikwijls “niet traditioneel” en gevarieerder: rijst, zoetigheden, kip, eieren, diverse groenten en varkensvlees.

* Bijna 4% van de mannen zijn monnik, bijna 3% voor de vrouwen. De overheid probeert het inlijven van kinderen in de kloosters te verbieden en stelt de minimumleeftijd op 18 jaar, wat niet steeds gevolgd wordt. Bovendien is er een numerus clausus op het aantal kloosters (een kleine 2.000 in geheel Tibet voor het ogenblik).

* ongeveer de helft van de gezinnen geeft aalmoezen aan de kloosters. Slechts 3% vraagt monniken om rituelen uit te voeren voor het geluk van hun familie. Hoeveel men geeft is afhankelijk van het inkomen. Eén euro per jaar voor de armste gezinnen tot 20 euro voor de rijkste. De oudere mensen bidden elke dag, van één uur tot enkele minuten. Shamanistische praktijken (uitdrijven van boze geesten, het consulteren van een “medium”) worden in de media afgeraden.

* Iets meer dan de helft van de mensen tussen 15 en 45 jaar kan Tibetaans lezen.

* slechts 10% kunnen Chinees spreken, verre van schrijven. Opvallend was dat sommige dorpschefs geen Chinees spreken.

* grond kan niet verkocht noch gekocht worden.

* 94 % van de gezinnen vindt dat hun levenssituatie verbeterd is sinds de landbouwhervormingen en zien de toekomst ook positief tegemoet.

* alle gezinnen hebben meer dieren en meer opbrengst van hun land. Vooral de melkkoeien zijn verzesvoudigd. Drie vierde van de gezinnen produceert genoeg of meer voor zijn eigen onderhoud. Eén gezin (7 personen gemiddeld) beschikt ongeveer over anderhalve hectare.

* verdeling van de te telen gewassen worden collectief per dorp geregeld. De aankoop van zaden, meststof, machines gaat via het dorp. Commercialisering van de overschotten eveneens.

* Per gezin werd ongeveer 500 euro besteed aan verbetering van de woonst of aan nieuwbouw.

* geen enkel van de 13 dorpen heeft kraantjeswater in de huizen. Slechts één dorp is aangesloten op het elektriciteitsnet. De wegen zijn zandwegen.

* slechts 20% van de jongeren heeft de lagere school voltooid. Hoewel ongeveer 70% van de kinderen wel enkele jaren school loopt.

* vrouwen hebben gemiddeld 7 kinderen. De demografische druk wordt onhoudbaar. De overheid heeft te laat reclame gemaakt voor een geboortebeperking via voorbehoedsmiddelen. Slechts de helft van de vrouwen nemen die en dan nog pas na minstens de vierde geboorte. Drie kinderen per gezin wordt nu als streefdoel voorgesteld, maar niet opgevolgd in de praktijk. De beschikbare landbouwoppervlakte per inwoner is met 20% gedaald sinds 1980.

* De helft van de gezinnen heeft minstens iemand die iets anders doet dan landbouw. Zoals vervoer, handel, bouw, onderwijs, gezondheidszorg, administratie en kunst. Meestal tijdelijk, gemiddeld vier maanden per jaar. Dit brengt één derde van het gezinsinkomen mee.

Bron: Asian Survey, 43:5, pp 758-779. University of California, 2003.

25-06-07

landeigendom in Tibet

Emily T.Yeh, een aardrijkskundige van de universiteit van Colorado (USA), maakte recent een studie over de grondeigendom in Tibet (published in Conservation and Society. 2,1, 2004. Sage Publications New Delhi/Thousand Oaks/London). Zij geeft openlijk steun in de USA aan de onafhankelijkheidsbeweging rond de dalai lama. Maar zij deed concreet veldonderzoek in Tibet. Enkele opmerkelijke citaten uit haar studie:

* land werd niet ten volle geprivatiseerd zoals in Oost-Europa het geval was. Het is veeleer verhuren via een contract.

* verantwoordelijken voor districten en departementen roteren regelmatig. Dorpshoofden niet, die blijven dicht bij de lokale bevolking gedurende hun mandaat.

* Chinese boeren sturen brieven en petities naar hogere politieke instanties om lokale corrupte kaders aan te klagen. Tibetaanse boeren hebben die gewoonte nog niet.

* Alle functionarissen van kleine steden waren Tibetanen tot voor kort. De laatste jaren heeft de centrale regering er opnieuw een minderheid aan Han kaders aan toegevoegd.

* het contractsysteem voor de boeren en veehouders in Tibet is soepeler qua termijn dan in de rest van China. Veestapel en land worden aan gezinnen toegekend voor onbepaalde duur, “for the long term” zoals dat heet. In de rest van China is dit voor een bepaalde tijd. Wel gelijkaardig als in de rest van China zijn de quota. Een afgesproken deel van de productie wordt aan de staat verkocht, over het surplus beschikken de families vrijuit.

* in het departement Nagqu is er zelfs nog een district dat de oude communestructuur behield, omdat die er goed werkte.

* in de landbouwregio rond Lhasa betreuren de boeren het wegvallen van de “onderlinge hulp teams”, zoals die waren ingesteld in 1959. Boeren werkten samen en verdeelden de opbrengst volgens inbreng van elk zijn middelen.

* Wanneer boeren of veehouders ophouden en een job in de stad zoeken keren de gronden die ze beheerden terug naar de collectiviteit. Er worden collectieve taken uitgedeeld. De boeren zien liever een herverkaveling. Maar de bureaucratie is zeer traag, men zit ongeveer nog op het toewijssysteem van 1984, zonder nieuwe verkaveling.

* de Tibetaanse lokale overheden voorzien acht collectieve taken voor de dorpsbewoners: aankopen van zaad, meststoffen, pesticiden, landbeheer, het zaaien, oogsten, dorsen, ploegen en irrigeren. Daarnaast twee individuele rechten: verdeling van de oogst en het veevoer in verhouding tot de eigen beheerde landoppervlakte.

* landonteigening voor projecten of gebouwen is eigenlijk geen echte onteigening, gezien de boeren geen eigenaar van de grond zijn. De Tibetaanse dorpshoofden laten zich gemakkelijk overhalen door de belofte van economische vooruitgang. In de omgeving van Lhasa gebeurt de inbeslagname van land al te dikwijls voor het bouwen van een mooi huis door de talrijk geworden Tibetaanse middenklasse.

* de Wereld Voedsel Organisatie sponsorde een landonteigening in de buurt van Lhasa om er serres te bouwen en te verhuren aan Tibetaanse boeren. Maar er was gebrek aan startkapitaal, aan kennis of aan boeren. Uiteindelijk werden de serres voor drie vierden verhuurd aan ingeweken Han boeren.

* landbeheer is geen privé-kwestie geworden in Tibet, het blijft een politieke zaak.

* Tibetaanse partijkaders in de dorpen vertellen je steevast dat de grond aan de partij toebehoort. Pas op districtniveau vind je Tibetaanse kaders, die spreken van “collectief beheerde grond”.

een huis, een veld

een huis, een veld

 

21:52 Gepost door infortibet in landbouw | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, landbouw, eigendom, bestuur, collectief, autonomie

24-06-07

bomen in de kloosters

Bomen zijn schaars in Tibet, gezien de grote hoogte van het plateau. Vroege westerse ontdekkingsreizigers beschreven het als "het land zonder bomen". De mensen gebruikten eeuwenlang gedroogde yakdrollen als brandstof. Toch is er hout voorhanden. In de kloosters. Hout voor de grootkeuken en hout voor pilaren. Hout was een voorrecht in het oude Tibet, voorbehouden aan de elite. Die traditie blijft nog verderleven in de huidige kloosters. 

IMG_1865

houtvoorraad voor de keuken in het beroemde Ganden klooster, niet ver van Lhasa

kloosterkeuken
en dat is dan de keuken
IMG_1217

pilaren van god weet waar

ganden

dat is het ganden klooster, op méér dan 4.500 m. Zonder bos. 

 

21:24 Gepost door infortibet in ecologie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, kloosters, houtkappen, monniken, bebossing

10-06-07

de scouts van Ladakh en oorlog in het algemeen

Sinds 1999 zijn de volgelingen van het Tibetaanse boeddhisme in Ladakh verwikkeld in de Indisch-Pakistaanse oorlog om Kashmir. De moslims van Kashmir verdreven de hindoes maar botsen nu op de Tibetanen. Die wijken niet en zijn trouwens goed bewapend. Sinds begin jaren zestig werden door de broer van de 14e dalai lama Tibetaanse vluchtelingen gerekruteerd om dienst te doen in een speciale legerbrigade, de Special Foreign Forces (SFF), totaal 10.000 soldaten. De dalai lama zelf heeft zijn stem in de beslissing waar die ingezet worden. Oorspronkelijk bedoeld om commando-opdrachten uit te voeren in Tibet, dienen ze nu vooral als grenstroepen van India. De Tibetaanse soldaten van het SFF zaten, met de goedkeuring van de dalai lama, in de voorlinie bij de Indiase aanval in 1971 op Oost-Pakistan, dat toen Bangladesh werd. (*). Tegenwoordig zijn er 4.000 manschappen van de SFF in Ladakh gestationeerd, vlakbij Kashmir en voeren regelmatig slag met moslimsmilities. De dalai lama ging ze persoonlijk zijn zegen geven in 1999, in Leh, de hoofdstad van Ladakh. (**).

Op een persconferentie in Straatsburg, na zijn toespraak voor het Europese Parlement in oktober 2001, betoonde de 14e dalai lama zijn steun aan de Amerikaanse bombardementen in Afghanistan: “Ik bewonder het feit dat de Amerikanen zorgvuldig hun doelwitten uitkiezen met een maximum aan voorzorgen om burgerslachtoffers te beperken. Dat lijkt mij een beschaafdere vorm dan tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog, of tijdens de Korea- en Vietnam oorlog.” Hij voegt eraan toe: “Bommen kunnen enkel fysieke dingen uitschakelen, geen denken noch emoties. Praten en overtuigen is de enige oplossing op lange termijn.” (***). Dat levert hem een banbliksem op van Elton John, die jarenlang naar hem opgekeken had: “forget the f---ing dalai lama, it’s a f---ing joke. Waar zit die man met zijn vredesboodschap, wanneer oorlogen altijd maar erger worden? F---ing nowhere to be seen”. (****).

Over de oorlog in Irak wenst de dalia lama geen veroordeling uit te spreken. In een interview net na zijn ontmoeting met ondermeer Bush, Powell en Cheney: ”Het is te vroeg om te zeggen dat de oorlog in Irak een vergissing was. De geschiedenis zal dat uitwijzen. Terrorisme is de ergste vorm van geweld, dus moeten wij wel antwoorden, wij moeten tegenmaatregelen treffen. Ik geloof in principe in geweldloosheid als beste oplossing. Maar sommige oorlogen kunnen goed zijn. De Vietnam oorlog was een vergissing, terwijl de Koreaanse oorlog en de Tweede Wereldoorlog de rest van de beschaving en de democratie beschermden. En de Afghaanse oorlog was een soort bevrijding voor de bevolking, die veel geleden had onder de vorige regimes. Maar de oorlog in Irak is ingewikkelder en vraagt tijd om te beoordelen.” (*****). Iets later verklaart hij nader wat hij bedoelt met zijn oordeel over Korea en Vietnam: “De oorlog in Korea was toch een halve overwinning, terwijl die in Vietnam te veel doden veroorzaakte en geen resultaat opleverde” (ARTE). Hij moet bedoeld hebben dat de Amerikanen de laatste verloren. Op de verjaardag van 11 september riep hij het Amerikaanse volk op om hun verdriet tot “innerlijke sterkte” om te vormen. Innerlijke sterkte en uiterlijke kracht zijn één in het Tibetaanse boeddhisme en verwijzen naar de strijders van het mythische Shambala koninkrijk, die met superieure moraal en superieure wapens het Rijk van het Kwaad verslaan. Vertaald zou dit kunnen klinken als “een chirurgische oorlog tegen de As van het Kwaad”. (*) WTNN, World Tibet Network News, 8/1/2003(**) PNS, Pacific News Service, 31/7/2001(***) Agence France Presse, Strasbourg, 24/10/2001  (****) ABC news 17/10/2001(*****) AP, Associated Press, New York, 11/9/2003

11:48 Gepost door infortibet in dalai lama | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dalai lama, elton john, precisiebommen, tibet, geweld, oorlog, ladakh

03-06-07

de 14e dalai lama en de luipaarden

Wolven, vossen, antilopen, tijgers en luipaarden zijn nog steeds een gegeerde pronkpels voor de Tibetanen. Op traditionele feesten verschijnen vooral Khampa’s met geschoten vellen. De jacht is al twintig jaar verboden, maar zoek maar de stropers op dit onmetelijke hoogland. Toch worden er gepakt en naast een zware straf zien zij hun foto opgehangen in diverse ecologische centra op het plateau. De 14e dalai lama vergat dit jagend cultuuraspect van zijn volk en verontwaardigd zei hij recent op een kalachakra ceremonie in India: “Ik heb gehoord en foto’s gezien van Tibetanen die kledij dragen versierd met verboden dierenpelzen of huiden en ik ben fier op de Tibetanen die ijveren voor het welzijn van de dieren en die een vegetarisch leven aanmoedigen”. Veel vroeger nog verklaarde hij, op de klimaattop in Rio in 1992, dat “De Tibetanen, tijdens de méér dan duizend jaar die de tragische Chinese invasie voorafgingen, in harmonie leefden met de natuur en het wildleven beschermden volgens de voorschriften van het boeddhisme”. En op zijn website kan je lezen: “Er was een compleet verbod op vissen en jagen”. Een Engelse journalist, die in 1955 op audiëntie mocht bij de 14e dalai lama in het Potala paleis, noteerde: “De grote poort die toegang gaf tot de zaal met de stupa’s van de vroegere dalai lama’s was geflankeerd door twee grote cylinders, waaraan tijgerhuiden vastgemaakt waren als teken van rechtvaardigheid en macht.” (Winnington).

De Tibetanen, inclusief de monniken, waren boeren, veehouders en jagers. Zonder hun veevlees en wild vlees waren ze al lang uitgestorven. Nu hebben ze serres met groenten en centen en kunnen ze nadenken om eventueel vegetariër te worden.

vellen te koop

modevellen te koop

10:00 Gepost door infortibet in ecologie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: luipaarden, jacht, tibet, dalai lama, beschermde dieren, elite