21-06-09

“Droge regen” in Tibet

De ergste droogte sinds 30 jaar.

 

“Droge regen”, dat is de ondertitel bij een foto van het Chinese persagentschap Xinhua; een foto die een droge rivierbedding in Tibet toont. “Droge regen” is een voorbeeld van het Chinees taalgebruik en denkpatroon, dat vrij verschillend is van het onze (zoals sinoloog Cyrille Javary het formuleerde “Les Chinois ont un autre cerveau que nous”). Voor ons kan dat niet, “droge regen”. Bij ons is het ofwel droog, ofwel nat. Voor een Chinees is er altijd een samenspel tussen droog en nat. Maar dat is het onderwerp niet van dit artikel.

Het onderwerp is ernstig: Tibet kent de ergste droogte sinds 30 jaar. Vijf van de zes departementen die Tibet telt zijn getroffen. Eén op zes akkers lijdt zeer zware schade, de gewassen verdorren en zullen enkel dienen als mager veevoeder. De neerslag was ongeveer 30% minder tijdens de maanden mei en juni, zelfs 80% minder voor de “graanschuur” van Tibet (Lhasa, Xigaze, Shannan). Eén op de vier van de meteorologische stations in Tibet noteerde geen noemenswaardige neerslag sinds zeven maanden. Mei en juni zijn precies de groeimaanden voor de gewassen, want in april vriest het nog.

Dit jaar zal een zeer slechte oogst geven. In het oude regime moesten de boeren in zo’n situatie aankloppen bij de landheren en de kloosters, waar ze tegen woekerintresten en gratis arbeid een deel van de soms grote graanreserves aldaar konden afkopen om te overleven. Daarbij geraakten zij meestal voor generaties lang in de schulden.

Wat gebeurt er nu?

De velden die geïrrigeerd zijn – en dat is ongeveer de helft – brengen het er nog goed vanaf. Toch hangt het af van het soort irrigatie: komt die van een goed gevulde rivier of komt die van een bron of van een waterput, want een deel van de waterputten staat droog. Sommige putten van 10m diep produceren niets meer. De lokale overheden boren dieper voor het ogenblik of laten water aanvoeren met containerwagens. Het leger is ingeschakeld om afgezonderde dorpen van drinkwater te voorzien en om te helpen bij het begieten van de groenten in de serres. Het hardst getroffen zijn de dorpen met niet bevloeide velden. Een soort “calamiteitenfonds” voorziet 4 miljoen euro om de meest getroffen landbouwers te compenseren voor het verlies aan opbrengst, een bescheiden som die ongeveer overeenkomt met 500 euro per getroffen gezin. In eerste instantie wordt alles gezet op het “redden van de oogst”. Toch zijn ondertussen al 13.000 stuks vee (op 20 miljoen) omgekomen van de droogte, aldus de lokale overheden.  

DSCN3965

Het probleem van de droogte in Tibet dreigt zich te versterken door de wereldwijde klimaatverandering. De gemiddelde temperatuur in Tibet is de laatste 30 jaar met iets meer dan 1°C gestegen en de neerslag is met enkele tientallen mm verminderd. Dit voorjaar lag de gemiddelde temperatuur 2°C boven het normale. Per jaar komt er in Tibet een oppervlakte van 400 km2 bij als woestijngebied, dat is enorm. De lokale Tibetaanse overheid “sluit graslanden”: verboden te grazen, ongeveer 1 miljoen km2. Daarnaast financieren zij projecten om gras te planten, met de hand, op enorme oppervlaktes. Het doel is om de woestijnvorming in te dammen tegen 2010 en om de helft terug te winnen tegen 2020.

De droogte is niet enkel in Tibet een probleem, geheel Noord-China heeft ermee te kampen. In de provincie Ningxia worden meer dan 1 miljoen mensen “catastrofaal” van drinkwater en voedsel voorzien.

22:51 Gepost door infortibet in ecologie | Permalink | Commentaren (1) | Tags: landbouw, klimaat, tibet

09-06-09

Lulu Wang schrijft Open Brief over bezoek Dalai Lama

Begin juni was de Dalai Lama in Nederland. Later reisde hij door naar Frankrijk. Hij werd in de twee landen met veel egards ontvangen. De Chinees-Nederlandse schrijfster Lulu Wang voelde zich niet gelukkig bij het gebeuren. Ze schreef een Open Brief. Met haar goedvinden publiceren we hem integraal.

portret_lulu

Brief aan sommige westerse politici en media

Den Haag, Nederland
5 juni 2009
 
Hooggeachte mevrouw, heer,
 
Toen ik jaren geleden in China was, hoorde ik dat de politiek en de media in het Westen transparant zijn. En dat daar vrijheid van meningsuiting is. Nu ik in het Westen woon en werk, heb ik een paar vragen voor u en ik hoop van u een antwoord te mogen krijgen. Ik heb er het volste vertrouwen in dat u streeft naar een mooie toekomst voor ons allen. Als een nieuwe Nederlandse burger zou ik graag achter uw besluiten kunnen staan, inclusief die over uw benadering van de Dalai Lama.

Twee verschillende beelden

Gisteravond zag ik op tv een interview met de Dalai Lama, die momenteel bij ons in Nederland op bezoek is en die door u met egards ontvangen wordt of gaat worden. Hij klonk wijs en leek mij sympathiek. Vandaar dat ik het zo jammer vind dat er een enorm verschil bestaat tussen het beeld dat Nederlandse kijkers van dit tv-programma, onder wie ikzelf, van de Dalai Lama kregen aan de ene kant en het beeld dat de meeste Chinezen van hem hebben. Hoe zou dat volgens u komen?

Wijsheid

Er zijn miljoenen priesters, dominees, rabbijnen, imams, boeddhistische monniken, taoïsten en andere geestelijken in de wereld, die wijze dingen zeggen en sympathiek zijn – waarom wordt de Dalai Lama door u uitverkoren om met zo veel eer te ontvangen en om zo veel media-aandacht te besteden?

Vrede

Boeddhisme is in mijn ogen een geloof dat harmonie, vrede en barmhartigheid in de samenleving bevordert. Als het doen en laten van een boeddhistische monnik direct of indirect, bedoeld of onbedoeld, voor verscheurdheid en vijandigheid tussen zijn broeders en zusters in zijn vaderland zorgt, alsmede politieke, ideologische en zelfs economische conflicten en onrust in het buitenland, weet u dan zeker dat hij zich bezighoudt met godsdienst?

Kerk en staat

Men heeft in Europa in de afgelopen honderden jaren door vallen en opstaan ingezien dat geloof en politiek, kerk en staat beter gescheiden gehouden kunnen worden. Waarom geldt dit inzicht ineens niet meer als het gaat om een binnenlandse aangelegenheid van China? De Dalai Lama wil namelijk de grondwet van Tibet laten baseren op de boeddhisme–theocratie (zie hoofdstuk 1, artikel 3, van Charter van de Tibetanen in ballingschap).*

Vrijheid

China heeft u herhaaldelijk verzocht de Dalai Lama niet te ontvangen, wat voor China van landsbelang is. Of China hier gelijk in heeft, doet in dit geval niet ter zake. Het is haar goed recht om haar binnenlandse zaken op haar eigen manier te regelen, of niet soms? Het staat u inderdaad vrij om te ontmoeten wie u wilt. Maar de vrijheid die u neemt is mijns inziens alleen geoorloofd als u tegelijkertijd de vrijheid van China om zichzelf te beschermen tegen – naar haar mening – gevaren, respecteert. Als u alleen hamert op uw eigen vrijheid en de vrijheid van China negeert, holt u het begrip van vrijheid dan niet op extreme wijze uit? Zegt u niet vaak tegen ons dat extremisme in godsdienst gevaarlijk is? En dat wij ervoor moeten oppassen? Hoe staat het dan met het extremisme in het begrip vrijheid? Als uw ongebreidelde vrijheid het schenden van de rechten van China betekent, moeten wij dan niet ook voor u oppassen?

Honderden landen en 55 volkeren

Er zijn honderden landen in de wereld en er bestaan 55 volkeren in China, waaronder mijn Tibetaanse broers en zussen. Waar mensen zijn, bestaan er geschillen en conflicten. Wat doet u besluiten om van de honderden landen juist uw warme belangstelling uit te laten gaan naar een monnik uit China en van de 55 volkeren in China juist naar de Tibetanen? Hoe zit het dan met de problemen die zich ook soms voordoen tussen de andere 54 volkeren in China? Gaat u ze allemaal voor hen oplossen? Of is er een speciale reden waarom uw keuze op Tibet valt?
 
Gisteren stond op teletekst dat de VN informatie van China eist over de doden die op 4 juni 1989 vielen. Dit roept vraagtekens bij mij op. Aan de ene kant wilt u het naadje van de kous weten wat er in China reilt en zeilt, en als China volgens u 'ongeloofwaardig' aan uw verzoek voldoet, zet u haar desnoods onder druk, al dan niet samen met de VN. Aan de andere kant, als China u toelichting geeft over een belangrijke situatie daar, waarom geeft u die dan niet altijd door aan uw volk of publiek, terwijl u over andere zaken van China uitgebreid en herhaaldelijk bericht  en openbare debatten en discussies, hoe verhitter hoe beter, organiseert?

Weinig informatie

Mijn Nederlandse vrienden en kennissen vertellen mij dat de Dalai Lama geen onafhankelijk Tibet nastreeft, maar meer autonomie voor Tibet. Ik vroeg hen van wie ze dit vernomen hebben, ze zeggen van de media. Zij, zelfs de Nederlandse journalisten die mij over de Dalai Lama willen interviewen, weten niets van wat China op 7 maart 2009 tijdens een internationale persconferentie aan buitenlandse verslaggevers toegelicht heeft, namelijk, de voorwaarden die de Dalai Lama en zijn organisatie hebben gesteld voor een autonoom Tibet:
1. Ze wensen een vierde van China - vijf keer    zo groot als Frankrijk - te hebben, het zogenaamde Dazang Qu (het Grote  Tibet Gebied),**
2. Ze willen de Chinezen, die niet tot de Tibetaanse  bevolkingsgroep behoren en die daar generaties lang,  honderden zo niet duizend jaar gewoond en gewerkt hebben, uit  dat 'dubbele' gebied zetten***
3. Ze willen dat het Chinese leger uit dat gebied vertrekt    
    
Wat mijn Nederlandse vrienden en kennissen ook niet weten:
1. Op 10 maart 2009, drie dagen na die bewuste persconferentie, ontkende de Dalai Lama tijdens een persconferentie in India dat hij deze dingen ooit gezegd heeft. Hij verzocht de Chinese regering met bewijzen te komen voor zijn zogenaamde uitspraak.
2. Weer drie dagen later, op 13 maart 2009, vroeg een Franse journalist tijdens een internationale persconferentie in China premier Wen Jiabao om die bewijzen. Wen voldeed aan dat verzoek.
3. Het bleek dat de Dalai Lama twee plannen had aangekondigd, waarvan één (met de naam Xizang Wudian Heping Jihua) in 1987 in de Verenigde Staten en de ander (Qidian Xin Jianyi) in 1988 in Straatsburg. Daar staan de bovengenoemde punten van de Dalai Lama en de organisatie onder zijn leiding zwart op wit in.
 
Men zou denken dat de Dalai Lama vergeten is dat hij dit ooit gezegd heeft.
1. In 2005 echter, in een brochure met de titel Zhongjian Daolu Xuanchuan Shouce - gemaakt door de organisatie onder leiding van de Dalai Lama - staat dat de bovengenoemde punten het resultaat zijn van een democratische procedure, met andere woorden: ze mogen niet gewijzigd worden.***
2. Op 27 oktober 2008, drie dagen voor de derde ontmoeting tussen de betrokken instantie van de Chinese overheid en de persoonlijke vertegenwoordigers van de Dalai Lama, had een woordvoerder van de organisatie onder leiding van de Dalai Lama in een interview met Duli Zhongwen Bihui in India de punten van de Dalai Lama herhaald. Plus nog: Chinezen die niet behoren tot de Tibetaanse bevolkingsgroep mogen geen ambtenaar in Tibet worden.
3. In november 2008 hebben de vertegenwoordigers van de Dalai Lama na een nieuwe ronde onderhandelingen met de Chinese overheid in hun memorandum aan de Chinese regering te kennen gegeven dat ze zowel het maken van de wetten als het uitvoeren ervan in Tibet in hun eigen handen willen hebben.*****   
 
Dat is ook de reden waarom ik niet graag in discussie wil treden met mijn Nederlandse vrienden en kennissen. Wij praten als het gaat over de Dalai Lama en/of Tibet, ondanks onze beste bedoelingen voor elkaar, langs elkaar heen. Omdat zij niet over de informatie beschikken die ik wel heb, omdat ik Chinees versta en nieuws direct van Chinese websites kan halen.

Autonoom Tibet

Als Chinezen die niet tot de Tibetaanse bevolkingsgroep behoren niet in Tibet, een onderdeel van China, mogen blijven wonen en werken, en als het Chinese leger niet in Tibet, dat van China is, aanwezig mag zijn, kunnen wij dan nog praten over een autonoom Tibet binnen China? Wanneer u als politicus een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer zou voorleggen, waarin staat dat
1. Limburgers niet in Brabant mogen wonen en werken
2. Maastrichtenaren die zich sinds het jaar 1800 in Breda gevestigd hebben, teruggestuurd moeten worden naar hun geboortedorp
3. Het Nederlandse leger niet in Nijmegen gestationeerd mag worden
4. Gelderland zijn eigen wetten mag maken en uitvoeren
 
Acht u de kans aanwezig dat dit wetsvoorstel draagvlak vindt bij uw kiezers? Zo nee, waarom zouden uw Chinese collegae politici er wel iets in zien?
 
Zelfs als de Chinese regering onder druk van het westen de voorwaarden van de Dalai Lama zou aanvaarden en een kwart van China zou ontruimen voor de Tibetaanse broers en zussen, denkt u dat de ruim 1 miljard Chinezen dit overheidsbesluit zouden accepteren? In dat geval zou er niet alleen sprake kunnen zijn van een kabinetscrisis, maar misschien ook van een volksopstand. Wie heeft hier baat bij? Ik weet zeker dat u dit China niet toewenst.
 
Gezien het bovengenoemde, kunt u zich dan indenken dat Chinezen grote moeite hebben met het ‘autonome’ Tibet zoals de organisatie onder leiding van de Dalai Lama voor ogen heeft? Kunt u dan begrijpen waarom de Chinese gemeenschap in Nederland zich verdrietig voelt of boos maakt over hoe u de Dalai Lama hier ontvangt en verslag over hem doet?******

 

Ten slotte

Ik wil u iets over mijzelf vertellen. Sinds de zomer van 2008 heb ik besloten om niet meer deel te nemen aan discussies en debatten in Nederlandse tv- en radioprogramma’s. Waarom? Deze keer geef ik u antwoord op mijn vraag:
ik heb de indruk dat als ik iets over China uitleg wat in haar voordeel spreekt, ik links en rechts, binnen en buiten de programma’s, met de nek aangekeken word. Ik krijg beschuldigingen te horen dat ik ‘ambassadeur van China’ ben en dat ik ‘door China gestuurd ben om haar stempel op Nederland te drukken’. Sommige mensen roepen zelfs tegen mij: ga terug naar je eigen land als je het zo geweldig vindt! Ik ben daardoor voorzichtig geworden.
Juist zeer kritisch ben ik over de gang van zaken in China. De acht boeken die ik heb geschreven vertellen onder andere over de onvolkomenheden van mijn geboorteland. Nu werk ik aan mijn negende boek, weer een roman die de tekortkomingen van China niet onder stoelen of banken steekt. Voor mijn kritiek op China word ik hier echter bijna nooit met scheve ogen aangekeken. Het lijkt alsof ik hier eigenlijk alleen kritische vragen over China mag stellen, maar niet over Nederland. Is dit soms vrijheid van meningsuiting? De vrijheid om een mening te uiten die in een bepaald straatje past - anders worden je verwijten gemaakt? Of heb ik een verkeerd beeld hierover?
 
Hopelijk zetten wij met zijn allen eens en voor altijd een punt achter de Koude Oorlog-mentaliteit om een nieuw tijdperk in te gaan van communicatie en wederzijds begrip. Immers, een Koude Oorlog kan een warme of een hete worden. En in een oorlog is er geen winnaar. Laten wij de strijd tussen landen en volkeren uitstellen tot sint-juttemis.
 
Ik bid voor de vrede.
 
Met vreedzame, medemenselijke groet,
 
©Lulu Wang
www.luluwang.nl
luluwanggz@luluwang.nl

Auteur van Heldere maan (2007), Bedwelmd (2004), Het Rode Feest (2002), 
Seringendroom (2001), Het Witte Feest (2000), Het tedere kind (1999), Brief 
aan mijn lezers (1998), Het lelietheater (1997)
 
Voetnoten
* Het Charter toont ook gedetailleerd dat de Dalai Lama uitzonderlijk veel uitvoerende macht krijgt en dat de Tibetaanse burgerschap verbonden wordt met de Tibetaanse etniciteit.
** Een gebied waar de vroegere Dalai Lama's trouwens nooit over geregeerd hebben.
*** Ongeveer tien miljoen "anderen" (Han, Hui, Yi, Nu, Lisu, Salar, Mongolen, Naxi en nog enkele kleinere groepen) leven al zeer lang in het 'uitbreidingsgedeelte', in dat wat de Dalai Lama méér opeist dan het huidige Tibet, dat echt een multicultureel landschap vertoont.
**** Zie 'Memorandum on genuine autonomy for the Tibetan people' van de vertegenwoordigers van de Dalai Lama en het arikel in Xinhua Press erover op 21-11-08 'On de 'Memorandum of de Dalai Clique'.
 ***** Het grotendeel van de in deze brief genoemde informatie is te vinden op Nederlandse en/of Chinese websites (vele van laatstgenoemde sites hebben ook een Engelse versie).
 
Citaten 
"De 14e dalai lama veroorlooft zich politieke uitspraken, die weinig kerkelijke figuren hem nadoen. Recent was de dalai lama op rondreis in de USA. Op 5 mei was voor hem een bijeenkomst van 120 bekende Chinese dissidenten georganiseerd in een luxehotel in New York. Hij gaf zijn Chinese toehoorders geen 'inleiding tot het boeddhisme', maar sprak zijn steun uit aan hun streven om de Chinese Communistische Partij (CCP) van de macht te verdrijven. 'De CCP heeft lang genoeg geregeerd. De tijd is gekomen dat ze op pensioen gaan,' zo zei de 14e dalai lama," aldus Jean-Paul Desimpelaere, mei 2009. Zijn bronnen:  Asia Times Online 21/5/09 en Voice of America 30/4/09.
"Wij zijn hier, in naam van de Mensenrechten, bezig met het verdedigen van een theocratisch regime met absolute macht in handen van één leider en met een programma van etnische zuivering. Het ergste is dat wij het niet beseffen," aldus de Franse PS-senator, Jean-Luc Mélenchon, in Parijs in april 2008.
 

 

14:57 Gepost door infortibet in internationale dimensie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, europa, dalai lama

06-06-09

“Een dubbele reïncarnatie is mogelijk,” aldus de 14e dalai lama, “maar niet in mijn geval.” Over de twee 17e karmapa’s.

De karmapa is de hoogste lama van de karma-kaguy school van het Tibetaanse boeddhisme. De opeenvolgende – via reïncarnatie – karmapa’s hadden het Tsurpu klooster in de omgeving van Lhasa als standplaats en dit sinds de twaalfde eeuw. Daarmee is de “karmapa-stamboom” ongeveer drie eeuwen ouder dan die van de dalai lama’s van de gelug school. Zij waren ook de eersten die het reïncarnatiesysteem in het Tibetaanse boeddhisme binnenbrachten.

 

Zoals vele hoge lama’s ontvluchtte de 16e lama karmapa Tibet in het woelige jaar  1959 en nam zijn intrek in het Rumtek klooster in Sikkim, van waaruit hij een groot netwerk van karmapa groepen in Europa en de USA uitbouwde. Hij stierf in 1981 en in zijn vermeend testament stond dat zijn reïncarnatie te zoeken was in Zuidoost-Tibet. Dat stelde een probleem: de nieuwe Chinese autoriteiten laten meewerken of niet en splitste het kamp van de Tibetaanse bannelingen in twee strekkingen. Eén groep onder leiding van Shamar Rinpoche bestempelde het testament als vervalst, een andere wou het wel halfclandestien in Tibet proberen. De 14e dalai lama steunde deze laatste groep.

Waarom aanvaardde de dalai lama het zoeken van een belangrijke reïncarnatie binnen “communistisch” Tibet, iets wat hij voor zichzelf totaal uitsluit? Wel, de karmapa’s waren historisch politieke rivalen van de dalai lama’s. De 5e dalai lama veroverde in de 17e eeuw de lokale macht in Tibet na een bloedige oorlog met de kagyu-karma school. Daarom was het voor de huidige 14e dalai lama handig om de nieuwste karmapa in Tibet “op te sluiten” in plaats van hem als rivaal in de wielen te hebben naast zich in ballingschap. Er ontstond flink getouwtrek, de regent van het Rumtek klooster, Jamgeun Kongtrul, vond de dood in zijn BMW één dag voor zijn vertrek naar Tibet, waar hij het zoeken op gang zou brengen. Het Rumtek klooster werd in 1993 bij een religieuze retraite het toneel van een bakstenenslag tussen de rivaliserende groepen: de monniken wierpen met bakstenen naar elkaar en de politie van Sikkim moest de vechtenden komen scheiden.

Ondertussen hadden de autoriteiten in Tibet de traditionele zoektocht naar de reïncarnatie ongestoord laten doorgaan en in 1992 werd de achtjarige jongen Ogyen Trinley Dorje officieel geïnstalleerd in het Tsurpu klooster, nabij Lhasa, als de 17e lama karmapa. Volgens cijfers van de politie woonden tienduizend inwoners van Lhasa de plechtigheid bij. De “bevestiging” van Beijing werd 14 dagen later publiek voorgelezen in het klooster. De rivaliserende groep in India, in oppositie met de dalai lama, benoemde in 1994 in Delhi een andere reïncarnatie, Thinley Thaye Dorje, als 17e karmapa. Er waren dus twee "17e karmapa's".

De 14e dalai lama steunde zoals gezegd die van Lhasa en bleef in geheim contact met enkele lama’s uit zijn omgeving. De “andere” 17e karmapa in India erkende hij niet. Echter, einde 1999 is de toen veertienjarige 17e karmapa Lhasa ontvlucht, met de hulp van zijn oudere zus en samen met lama Tsewang, per wagen via Nepal,   richting India, ondanks of dankzij het feit dat hij vier jaar tevoren een terreinwagen cadeau gekregen had van de centrale Chinese regering om het geloof vlotter te verspreiden. De 14e dalai lama ontving hem met “medeleven” en liet hem in Dharamsala verder studeren in een klein klooster buiten het stadje. De 17e karmapa stond quasi onder huisarrest of kloosterarrest, hij mocht van de Indische regering niet rondreizen en evenmin naar het Rumtek klooster (dat van zijn voorganger) in Sikkim gaan. De Indische regering had schrik dat dit de separatistische beweging in Sikkim zou bevorderen. En het kwam ook de 14e dalai lama goed uit, het bleef tenslotte een concurrent en één internationaal rondreizende ster is genoeg. Het grote netwerk van karma kagyu verenigingen in Europa en de USA was wel gered van de Chinese betutteling over hun leider, de 17e, en publiceerde een resem boeken over de wonderlijke ontsnapping, hoewel een groot deel kagyupa in het westen de andere 17e volgen.

De 14e dalai lama kon de gemoederen van de twee kampen bedaren en zei in 2000, bij monde van zijn privé-secretaris in Frankrijk, dat  “iedereen vrij is om individueel te kiezen welke reïncarnatie hij volgt”.

Van zichzelf heeft de 14e dalai lama de laatste jaren dikwijls gezegd dat hij niet wil herboren worden in “bezet” Tibet. “Als het Tibetaanse volk een nieuwe reïncarnatie wil, dan moet die in staat zijn de taken af te werken die deze dalai lama niet heeft kunnen vervolledigen. Dat betekent dat hij moet komen uit een vrij land.” (interview met Amitabh Pal, verschenen in MO-magazine, mei 2006). "Met de karmapa wel, maar niet met mij..."

 

Bronnen: Kagyu websites; “Karmapainfo France”; “The Dance of 17 Lives” van Mick Brown, Bloomsburry, London 2004.

10:43 Gepost door infortibet in religie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: china, tibet, boeddhisme, dalai lama, reincarnatie, karmapa

01-06-09

Een schat van mineralen

In het Qaidam bekken, in het noordwesten van de Qinghai provincie, bevindt zich de belangrijkste olie- en gasexploitatie van het plateau. Qaidam is een barre, dunbevolkte halfwoestijn op 3000 meter hoogte en vijf maal groter dan België. De olie die er wordt gewonnen, vloeit via een lange pijplijn – de hoogste ter wereld − naar Tibet. Het plateau is ook rijk aan ertsen en mineralen, vooral in de zones waar de aardkorst het meest geplooid werd. Daar zitten chroom, koper, ijzer, goud, lood, zink, antimoon, molybdeen, steenkool, bauxiet, gips, mica, grafiet, kwarts, zwavel en borax.[1] Maar de winningsgebieden zijn moeilijk toegankelijk en vaak is de grond er permanent bevroren. Ook de talloze meren in het noorden van het plateau zijn rijk aan mineralen zoals magnesium, potassium, lithium en uranium, maar ook zij zijn nauwelijks bereikbaar.[2]

DSCN2696

olie en gas transport richting Tibet

Chroom  is vandaag de  belangrijkste delfstof. Twee derde van het chroom in China komt uit Tibet. De Norbusa staatsmijn is opgestart in de jaren 1980 in het Shannan district ten oosten van Lhasa. Er wordt ook in coöperatieve of kleinere individuele ondernemingen chroom ontgonnen. In Oost-Tibet wordt in 2010 de  Yulong Kopermijn opgestart, die de tweede grootste van Azië kan worden.[3]

De mijnen zijn belangrijk voor Tibet, want ze zijn lokaal belastingsplichtig. Samen met de handel en de diensten leveren zij de inkomsten voor het budget van de regio Tibet. Landbouwers en herders zijn vrijgesteld van belasting. Vandaag is de balans van dat budget verre van in evenwicht. De centrale Chinese overheid past jaarlijks tot 90% van het budget bij.[4]

 

Uranium is een strategische delfstof die hier extra aandacht verdient. China heeft in 2007 een handelsovereenkomst voor de invoer van uranium afgesloten met Australië, dat 40% van de gekende werelduraniumvoorraad in zijn ondergrond heeft[5]. Tot op vandaag koopt China zijn uranium, jaarlijks zo’n 1.500 ton, in Kazakstan en Canada. De Chinese maatschappij voor atoomenergie onderhandelt ook in Afrika over deelname in mijnen. In China zelf wordt immers nauwelijks uranium ontgonnen.

Toch spreekt de Tibetaanse "regering in ballingschap" over ‘rijke en onontgonnen lagen uranium, wellicht de grootste ter wereld’[6] in de provincie Qinghai, die volgens haar deel uitmaakt van Tibet. De 14e dalai lama suggereert indirect dat al dat uranium onbeperkt opgedolven wordt: ‘Mijn land wordt een ecologische ramp door de massale ontbossing en door het excessieve delven naar mineralen’.[7] De dalai lama specifieert niet over welke mineralen het gaat. Maar Tibet Environmental Watch (USA), het Canada Tibet Committee, het Belgische De Vrienden van Tibet en andere organisaties hebben het over ‘ongebreidelde extractie van uranium in wel twintig mijnen (…) de voornaamste bron voor de Chinese nucleaire industrie’.[8] Ook ernstige Belgische journalisten stappen mee in dat verhaal: ‘De bergen die de heilige stad Lhasa omringen, zouden de helft van de wereldreserves van uranium bevatten. Dit en andere ertsen worden overvloedig geëxploiteerd.’[9] Het uranium zou dienen ‘om bommen te maken’ en tegelijk zou massaal radioactief afval in Tibet worden gedumpt. De Chinese overheid houdt het bij één ondergrondse opslagplaats voor kernafval buiten de autonome regio Tibet, nabij het Qinghai meer. Dat is ook de enige concrete plaats die de regering van de 14e dalai lama vermeldt.[10] Het uraniumverhaal dateert van 1950. Het stond in een rapport van het Britse Foreign Office dat wereldkundig werd gemaakt door Lowell Thomas. Die was op dat moment in Lhasa actief als journalist voor het Amerikaanse NBC.

 

Goud

In de jaren tachtig werd het toerisme in Tibet volkomen vrij en het hippe Kathmandu verplaatste zich naar Lhasa. Minder spiritueel waren de duizenden goudzoekers, die op het plateau een paar gram goud wasten uit de riviersteentjes. Zij kampeerden er enkele maanden en wonnen er dan elk enkele honderden euro. Veel van die gebieden werden sindsdien natuurreservaat en de goudrush is dan ook gestopt. In het oude Tibet diende de exploitatie van kleine goudaders hoofdzakelijk voor de bekleding van religieuze beelden, stupa’s en tempeldaken. Er was een weeg- en rekenhof voor het goud onder het gezag van de functionaris van financiën van de dalai lama’s. Een kleine hoeveelheid goud werd opgeslagen als betaalreserve. Toen die reserves ongeveer op waren door de verhoogde uitgaven voor het leger tijdens het bewind van de 13e dalai lama, ging een Tibetaanse missie in Londen goud kopen met een lening. Voor de gouden troon van de huidige 14e dalai lama werd in 1956 eveneens goud buiten Tibet aangekocht, en wel met de opbrengst van een inzameling onder alle gelovigen.

 

Om riviervervuiling te voorkomen zijn in 2003 de milieunormen voor goudwinning in China streng verscherpt. Toch beschuldigt de regering in ballingschap van de 14e dalai lama de centrale overheid ervan duizenden tonnen goud uit de Tibetaanse ondergrond te stelen en daarvoor tienduizenden Chinese migrantwerkers te gebruiken.[11] Er wordt daarbij verwezen naar potentiële en echte mijnen in de provincies Qinghai en Gansu, zonder die mijnen bij naam te noemen. De 14e dalai lama toonde zich bezorgd omdat de Chinese overheid ook buitenlandse investeerders toelaat goud te zoeken, het culturele erfgoed te grabbel te gooien als het ware, want goud was destijds bestemd voor de kloosters.[12] Onder andere een Canadees en een Australisch bedrijf tekenden in.[13] De overheid wil namelijk overal op Chinees grondgebied de artisanale ontginning van goud technologisch rechtzetten en doet daarbij beroep op de hulp van het buitenland. Die hulp is beperkt, ze bedraagt enkele tientallen miljoenen euro.[14] Ondertussen zijn in Tibet zelf alle goudontginningen stopgezet sinds de opnieuw verstrengde mileunormen van oktober 2005.[15]

 



[1] CTIC

[2] CTIC

[3] www.mineweb.com, 18 aug 2008.+ CTIC

[4] CTIC + Tibet Statistical Yearbook 2008.

[5] BBC, « China to buy Australian uranium », 3/4/2006.

[6] TRIB, “Tibet’s Environment and Development Issues”.

[7] voorwoord bij een boek “Tibet, Enduring Spirit, Exploited Land”, Apte Robert en Andres Edwards, USA, 1998. Op te merken: Andres Edwards is in de USA een prediker van de “groene duurzame revolutie”.

[8] Websites.

[9] Michel Bouffioux, website, 170205, interview met Michel Van Herwegen van “Les Amis du Tibet”, artikel verschenen in Ciné-Télé Revue van 17 febr. 2005.

[10] TRIB.

[11] TRIB.

[12] interview met Asian Pacific Post, 27/01/2005., waar de 14e dalai lama zich verzet tegen de Canadese betrokken firma.

[13] CTIC.

[14] zoiets als de waarde van een Formule 1 wedstrijd.

[15] China Daily, 14/9/2005.

13:49 Gepost door infortibet in aardrijkskunde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, ertsen, mijnen, qinghai, hoogplateu

Boekbespreking: Tibets economie

Door Jan Jonckheere

Twee anecdotes. Toen begin van de jaren vijftig de Dalai-Lama een Rolls Royce van het westen kreeg, moest het voertuig gedemonteerd worden en in stukjes per lastdier naar Lhasa gebracht bij gebrek aan wegen. Nu zijn er 43.500 km wegen, 3000 km snelwegen en wordt de weg aangelegd naar het laatste Tibetaans kanton dat nog niet via de weg met de buitenwereld verbonden is. Het 17 puntenakkoord uit 1951 liet drie soorten post toe in Tibet: de Tibetaanse, de Chinese en een kolonialistische gerund door Britten en Indiërs die functioneerde tot maart ‘59. Nu zijn alle dorpen die langs een weg liggen, verbonden met de post en zijn 83 pct van de dorpen bereikbaar via telefoon. Zo kunnen we nog doorgaan; tot in de vijftiger jaren werden in Tibet enkel houten ploegen gebruikt getrokken door yacks. Nu zijn tractoren gemeen goed.  Onder het feodaal slavenregime was er behalve wat artisanaat helemaal geen industrie. Nu kent Tibet de ontwikkeling van twintig verschillende nijverheden van energie, lichte nijverheid, textiel, machinebouw, bosnijverheid, mijnbouw, bouwmaterialen, chemie en pharmaceutica, drukken, verwerking van voeding…Enkel van 2000 tot 2007 groeide het Bruto Regionaal Product drie maal en vergeleken met ‘59 kent Tibet een groei met factor 59. Nu is de primaire sector niet meer dominant: toerisme, PTT en handel maken reeds 57 % uit van het geheel. Dit alles en nog veel meer staan in het boekje “The Economy of Tibet” uitgegeven door Foreign Languages Press. Het overloopt de diverse economische sectoren en schetst de evolutie van een traditionele tot een moderne economie. Uiteraard worden handel en consumptie niet vergeten. Voor 1959 was een huis uit baksteen een uitzondering, nu worden huizen met meerdere verdiepingen regel. Uiteraard vermeldt het boek dat de evolutie gebeurd is met de steun van 58 miljard yuan door de nationale regering en 6 miljard steun van zusterprovincies. Gedurende de periode van 2000 tot 2005 werd 90 miljoen yuan door het nationale niveau geïnvesteerd. Naar de toekomst toe wordt de klemtoon gelegd op toerisme en duurzame ontwikkeling waarbij bijvoorbeeld strikte standaarden moeten gehanteerd bij de houtkap en de Tibetaanse geneesmiddelen werder ontwikkeld. Een werkje van 122 pagina’s dat ongetwijfeld nuttig is wanneer het debat over Tibet zal worden gevoerd.

(artikel overgenomen van www.chinasquare.be)

10:46 Gepost door infortibet in economie algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, china, investeringen