04-01-11

Grasland voedzaam houden in droge gebieden

China heeft zijn herders nodig, want die zorgen voor een deel van het dagelijks diëet voor meer dan één miljard mensen. Wil China niet afhankelijk worden van vleesinvoer uit het buitenland, dan moet er gras groeien in China. Bovendien moet dat op die plaatsen zijn, waar niet aan akkerbouw kan gedaan worden, want elk perceel voor rijst, graan, groenten, fruit en thee is er broodnodig om ook daar geen tekorten te creëren. Er zijn graaslanden nodig, met herders voor koeien, yaks en schapen. Want elke Chinees kan toch niet met twee varkens aan de leiband in een stadspark rondlopen (geen grap: recent nog écht gezien). De graaslanden bevinden zich dus voornamelijk op de randen van de woestijnen, in Xinjiang, Gansu, Tibet en Binnen-Mongolië. De woestijnen hebben een neiging om groter te worden, daar hadden we het al over in andere artikels (opwarming, grotere droogte en overbegrazing). Om herders met vee te kunnen behouden mag dat niet. Voor China is gras één van de zovele prioritair aan te pakken problemen. De overheid beseft dat en doet er ook iets aan. Daar gaan vele ‘China-watchers’ of ‘dissidenten’ aan voorbij.

Voor de komende vijf jaar (2011-2015) reserveert het nationaal budget 1,5 miljard euro per jaar voor gras. Er zijn centraal geleide herbeplantingsprojecten, maar het grootste deel van dit bedrag gaat via de betrokken mensen in die gebieden, noem dat gerust een ‘centendemocratie’. In de vorm van compensaties of in de vorm van stimuli.

Compensatie voor families, die (tijdelijk?) moesten verhuizen uit streken waar het gras niet meer groeide. Zij krijgen een vergoeding van 10 euro per hectare en per jaar. Dat lijkt niet veel, maar wanneer je weet dat hun graasoppervlakte dikwijls  meer dan 1000  hectare was, dan is dat wel veel. In die gebieden is grazen voorlopig verboden en wordt er aan herbeplanting gewerkt.

Stimuli zijn er dan voor herderfamilies, die buiten die ‘verboden zone’ bedrijvig zijn. Zij krijgen 3 euro per jaar en per hectare op voorwaarde dat ze er een ‘duurzame kudde’ op na houden, geen te grote dus, een kudde in evenwicht met het gras. Voor herderfamilies, die mee willen werken aan herbeplanting of aan betere beplanting, is er een subsidie voorzien van 16 euro per jaar en per hectare. Dit zijn hoge sommen, gezien de oppervlakte per familie, maar het werk is ook geen kleine karwei.

Een deel van het grote centraal budget ‘voor gras’ gaat naar opleiding en technische hulp.

Als algemeen signaal van ondersteuning krijgen ongeveer 2 miljoen herderfamilies elk een jaarpremie van 60 euro de komende vijf jaar.

 

litang env (40).JPG

 

Noot (naar aanleiding van een lezersvraag):

De Chinezen doen er natuurlijk goed aan om niet te veel vlees te eten. Maar ja, ze zijn goed op weg om dat wel te doen. In 1985 lag de vleesconsumptie – gevogelte inbegrepen - in China nog op 20 kg per hoofd van de bevolking. Nu is dat 55 kg geworden. Ter vergelijking: de gemiddelde Europeaan verorbert 90 kg per jaar en de gemiddelde Amerikaan 120 kg (FAO statistieken).

Nog het vermelden waard: de gemiddelde Tibetaanse stedeling koopt voor 35 kg vlees per jaar en per persoon, dat is minder dan het Chinese gemiddelde. Toch komt dat goed overeen met een kleinere stad in de rest van China, minder rijk dan de grote steden en waar een deel van de stedelijke bevolking bovendien nog enkele dieren heeft voor eigen gebruik, niet meegeteld in de statistieken. Het reële vleesmenu is reëel dus hoger. Dat is nog duidelijker zo voor de landelijke bevolking in Tibet: de statistieken geven aan hoeveel vlees een gemiddelde landbouwer koopt per jaar, dat is 15 kg per persoon. Herders kopen uiteraard geen vlees en eten bijna uitsluitend vlees. Te gast bij een maaltijd, zag ik er meer naar binnenwerken dan wat ik op een week aankan. Maar er zijn nogal wat Tibetaanse landbouwers, die weinig of geen dieren hebben, die kopen wel vlees. Het statistisch gemiddelde komt dan uit op 15 kg, maar het reële menu is meer vleesgekleurd. Kortom, statistieken zijn ‘nuttig’ (om in eetbare termen te blijven), maar soms moet men wel weten waarvan het gemiddelde het gemiddelde is. En tot besluit: China heeft er alle belang bij om half-vegetarisch te worden, wie niet?

 

17:09 Gepost door infortibet in ecologie | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, woestijnvorming, herders, china

De commentaren zijn gesloten.