11-03-12

Tibetaanse gebieden in Sichuan, China: de lokale overheid spreekt klare taal

Een partijcommissie, met aan het hoofd Liu Qibao, politiek secretaris voor de provincie Sichuan, bezochten de woelige Tibetaanse departementen Aba en Garze, waar de voorbije maanden demonstraties en zelfverbrandingen plaatsvonden. Het bezoek vond plaats tijdens de periode van het Tibetaanse Nieuwjaar (22 februari). De partijsecretaris voor de provincie mag dan al een Han Chinees zijn, toch zijn ongeveer 70% van de overige partijkaders in die departementen Tibetanen. De boodschap van de partij aan de lokale bevolking leed niet aan onduidelijkheid.

De kern van het beleid is ‘nultolerantie wat openbare orde betreft’. Daarmee doelt de overheid op betogingen en op elke vorm van geweld, zoals het vernielen van winkels en openbare gebouwen. Het proberen te verhinderen van zelfverbrandingen valt daar ook onder.

De Chinese communistische partij wil het separatisme niet het minste forum geven en het geen actievrijheid toelaten. Maar er zal nog meer aandacht gaan naar de economische ontwikkeling van de gebieden waar Tibetanen leven, met de klemtoon op meer sociale voordelen (inkomens, onderwijs, geneeskundige zorgen).

De partij garandeert de vrijheid van godsdienstbeleving, privé thuis én in de tempels en kloosters. De kloosters staan echter niet boven de wet. De besturen van de kloosters worden aangemaand om hun wettelijke verplichtingen na te komen (officiële registratie van de monniken, geen separatistische activiteiten onder de mantel van de godsdienst, juridische opvoeding voor de jonge monniken, loyauteit tegenover het socialistisch systeem en de etnische harmonie).

“Gelovigen, of het nu leken zijn of monniken, hebben de volledige vrijheid voor hun godsdienstbeleving. Maar de overheid zal hard optreden daar waar de wetgeving of de etnische eenheid niet nageleefd wordt,” zo klinkt het. “Hard”, dat betekent gevangenisstraffen.

Liu Qibao ontmoette en sprak met de huidige abt en de hoge lama’s van het Kirti klooster in het departement Aba, waar een groot deel van de zelfverbrandingen plaatsvonden.

18:05 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, monniken, separatisme

17-02-12

Een mediabombardement op Tibet

 

De zelfverbrandingen in enkele Tibetaanse gebieden in China leiden tot een ongeziene mediacampagne vanwege de VS en de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland.

Daarin prijzen invloedrijke Tibetanen in het buitenland de ‘moed van de zelfverbranders’. De dalai lama zien we op de VOA (‘Voice of America’) of op ’Radio Free Asia’ actief in gebedsstonden voor de zelfverbranders. Intussen zijn er dat al een twintigtal.

Sommige Tibetaanse leiders in ballingschap gaan zeer ver en garanderen ongeveer het ‘nirwana’ voor de zelfopoffering. Dit doet bv Jamyang Norbu vanuit de VS op de website van ‘Tibetan Youth Congress’, de grootste organisatie van Tibetanen in het buitenland in “een editoriaal met de titel: “self-immolation and Buddhism”.

Dit worden hysterisch-religieuze toestanden, die theologisch niet afgekeurd worden door de hogere boeddhistische leiding van de Tibetanen in het buitenland, ten dienst van de politieke actie voor onafhankelijkheid van Tibet. De ex-abt van het Kirti klooster in Sichuan, waar de meerderheid van de zelfverbrandingen plaatsvonden, was zelf op ‘toelichtingsrondreis’ in de VS in november 2011, als ‘ambassadeur van het protest’, op het moment zelf dat er nog enkele jongeren in de vlammen opgingen.

Het mediabombardement is op Tibet gericht, het zijn televisie-uitzendingen van de VOA of van RFA, in de Tibetaanse taal, die via schotelantennes in Tibet en aanpalende streken kunnen ontvangen worden. De zelfverbrandingen tonen als ‘moedige offers’, de dalai lama laten zien, die voor hen bidt, interviews met andere Tibetaanse bannelingen die hun ‘respect voor de moed’ komen betuigen, het maakt die daad meer en meer sacraal.

Twintig jongeren, nauwelijks twintig jaar oud, zijn er de dupe van.

Het is zeker dat de autoriteiten in Sichuan de scheiding van politiek en religie niet op de zachtste manier aangepakt hebben anders zouden er geen zelfverbrandingen geweest zijn. We kunnen enkel hopen dat ze samen met de lokale bevolking een weg zullen vinden. Er een internationaal ‘spektakel’ van maken of het gebruiken om China uit evenwicht te brengen zal letterlijk ‘olie op het vuur’ zijn.  

 

18:15 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, sichuan, monniken

01-02-12

De zelfverbrandingen van Tibetaanse monniken

 

De eerste die door zelfverbranding om het leven kwam was een monnik – een twintiger - van het Sirti klooster in de prefectuur Aba (Ngaba) in Noordwest-Sichuan. Dit gebeurde einde februari 2009. Tussen maart 2011 en nu januari 2012 kwamen er nog zestien zelfverbrandingen, waarvan de Tibetaanse oppositie in het buitenland denkt dat er minstens 10 zijn, die het niet overleefden, een triest en verschrikkelijk palmares. Schrijnend is ook de jeugdige leeftijd van de meeste ‘zelfverbranders’: tien van de zeventien waren jonger dan twintig of net twintig.

De pers in China maakt gewag van de gebeurtenissen, keurt ze scherp af en geeft geen details. Detailinformatie over de namen van de monniken, de plaats en de datum waar het gebeurde en de omstandigheden wordt voornamelijk verspreid door ICT [1].

De gebieden waar de zelfverbrandingen plaatsvonden zijn sinds april 2011 overigens afgegrendeld voor de Westerse pers.

ICT schrijft dat elke monnik of non, die zich opofferde, slagzinnen riep voor een “vrij Tibet”en voor de terugkeer van de dalai lama.

"Radio Free Asia reported that before he set himself ablaze, he climbed a local hill to burn incense and pray before distributing leaflets saying he would act "not for his personal glory but for Tibet and the happiness of Tibetans."

“According to Tibetan exiles who spoke to a witness of the protest, before he was stopped by police Phuntsog shouted slogans including ‘May His Holiness the Dalai Lama live for 10,000 years!’"

ICT meldt ook vergezellend volksprotest, maar slechts bij enkele gevallen. Daarbij zouden  enkele doden gevallen zijn door het politieoptreden. Het Chinese persagentschap vermeldt er één.

Opvallend is dat van de zeventien zelfverbrandingen er twaalf gebeurden in dezelfde regio: in de autonome gemengde prefectuur Aba van Tibetanen en Qiang[2]. Van die twaalf zijn er tien afkomstig van één bepaald klooster: Kirti. Daarnaast zijn er drie zelfverbrandingen gemeld in de prefectuur Garze, ook in West-Sichuan, één in het zuiden van de provincie Qinghai en één in Tibet zelf, in de oostelijke stad Chamdo. Deze vier streken zijn min of meer aanpalend aan elkaar, het gaat globaal om een gebied grenzend aan het noordoosten van het huidige Tibet en het is een deel van de historische gebieden ‘Amdo’ en ‘Kham’.[3]  

De regio Aba is driemaal groter dan België en er leven 1 miljoen mensen, voor 72% Tibetanen en Qiang. Er zijn 42 kloosters, samen goed voor een paar tienduizenden religieuzen[4]. Aba is een regio buiten het huidige Tibet en bevindt zich, in de provincie Sichuan, die al tijdens de Manchu dynastie in China als afzonderlijke provincie bestond (18e eeuw). Gedurende de laatste twee eeuwen was er een zekere migratie van Han Chinezen naar West-Sichuan, maar de Han bleven duidelijk in de minderheid.[5]

ICT geeft een eventueel etnisch-numeriek bevolkingsprobleem niet aan als mogelijke oorzaak voor de wanhopige daden in Aba, wel een bestuursprobleem: de “afwezigheid van religieuze en politieke vrijheid”.

De overheid in de regio Aba is Tibetaans, de politie evenzeer[6]. Van een directe etnische tegenstelling tussen de bevolking en het lokale bestuurs- of repressieapparaat kan men dan moeilijk spreken. Natuurlijk is er een nationale politiek in China tegenover de Tibetaanse bevolking. Een kort historisch overzicht kan enig licht werpen op het feit waarom dit tragisch protest geconcentreerd is in de regio Aba.

Toen China na de revolutie van 1949 zijn territoriale aanspraken op Tibet herbevestigde[7] door het Rode Leger in 1951 naar Lhasa te sturen beloofde de Chinese nationale regering om de landadel in Tibet ongemoeid te laten en geen landhervorming door te voeren zonder hun instemming. De belofte gold voor het Tibet van toen[8], wat overeenkomt met het huidige Tibet, maar niet voor de gebieden in Sichuan waar ook Tibetanen wonen, bv in de regio Aba. Daar werd de landhervorming wel doorgevoerd. Daartegen is lokaal verzet gekomen, dat zich vanaf 1956 via de VS kon bewapenen en een guerrilla starten. West-Sichuan werd de thuisbasis van het gewapend verzet tegen het Chinese bewind, waarbij de kloosters een eminente rol vervulden.[9] In 1959 bereikte de opstand Lhasa, maar werd er neergeslagen. Dit leidde tot de vlucht van de dalai lama naar Indië, met in zijn spoor heel wat Tibetanen van West-Sichuan. De toenmalige abt van het hierboven vermelde Kirti klooster in Aba was één van de uitwijkelingen en bevindt zich nog steeds in het Indische Dharamsala, de huidige thuisbasis van de dalai lama. Net zoals de dalai lama zegt de ex-abt van Kirti dat zelfverbranding eigenlijk niet strookt met de boeddhistische leer, maar dat hij begrijpt dat de extreme repressie een aantal monniken tot die daad drijft.

De ‘eerste minister’ van de dalai lama, Lobsang Sangey, heeft ongeveer dezelfde bewoordingen in een interview met ‘Libération’ (29/11/2011):

“Ik roep niet op tot gewelddadig verzet of zelfverbranding want elk protest leidt tot arrestatie en foltering door de Chinese overheid. Ik begrijp hun motivatie ter verdediging van het Tibetaanse volk. Ik groet de moed van diegenen die bereid zijn hun leven te offeren voor deze strijd, maar hun daad is pijnlijk en triestig.”

“Het theologisch debat over zelfdoding bestaat, maar moet niet interfereren met wat nu gebeurt. Het is de Chinese overheid die door haar repressie mensen dwingt om zich op te offeren.”

De omgeving van de dalai lama ‘begrijpt de moed’ van de monniken die zich opofferen en keurt theologisch niet scherp af, terwijl tal van abten van andere kloosters in Aba dat wel deden in de pers in China. Dit terwijl ICT recent meldde dat er in Aba pamfletten circuleren, die oproepen tot zelfverbranding tijdens het komende Tibetaans Nieuwjaarsfeest op 22 februari.

Terug naar de geschiedenis.

Gedurende de jaren 1980, na de Culturele Revolutie, kwam er een periode van openheid en tolerantie vanwege de overheid in Tibet en aangrenzende gebieden. In Tibet zelf bleef de controle op de kloosters enigszins gehandhaafd, vanwege het strategisch belang van Tibet voor China en vanwege het feit dat de problematiek geïnternationaliseerd was. Maar in de randgebieden werd de betutteling vrij los, tot onbestaande. Er was weinig regelgeving voor de Tibetaanse kloosters in Sichuan, Qinghai of Gansu. Neem bv het fenomeen ‘kindmonniken’, dat vond je niet meer in Tibet zelf, wel volop in de randgebieden. Buitenlands bezoek was open zonder beperkingen, daar waar voor Tibet zelf een speciale permit en een bekende reisroute nodig bleef. Dit bracht ook een toename van de contacten mee tussen de Tibetaanse gemeenschap in Indië en die van hun thuisland: vooral West-Sichuan. Dat is nu nog min of meer zo. Ook in de richting van Tibet naar Indië. Volgens ICT reisden (legaal) 8000 Tibetanen in januari 2012 naar Indië om er Kalachakra-initiaties van de dalai lama bij te wonen. Men kan niet zeggen dat de Tibetaanse gebieden ‘hermetisch’ afgesloten zijn. ICT zelf, dikwijls via de Tibetaanse gemeenschap in Indië, beroept zich op plaatselijke informanten. En dat zal ook wel zo zijn. China schippert tussen openheid, controle en repressie.

Wat de repressie betreft, essentieel is die gericht tegen het ‘separatisme’. Politieke uitingen van nationalisme en steun aan de dalai lama worden onderdrukt, of die nu van kloosters of van leken komen. Twee ‘medeplichtigen’(“aanmoedigen, assisteren”) van de eerste zelfverbranding in 2009 werden tot zware gevangenisstraffen veroordeeld. Tijdens betogingen in de marge van de zelfverbrandingen worden ook mensen voorgeleid. Het spanningsveld is er.

Sinds 1994, na de zitting van de vierde conferentie over Tibet in Beijing, zijn er opnieuw beperkende maatregelen voor de kloosters. De monniken moeten geregistreerd zijn, er is een onderhandelde norm voor het aantal monniken per klooster, geen kinderen meer, in de kloosters moet er onderwijs zijn over de wetgeving. Het is waar dat sommige kloosters in Sichuan explosief groeiden tijdens de jaren 1980. De lokale Tibetaanse overheid zei dan: “wie zal dat betalen qua sociale zekerheid?”.

Een studie van twee Amerikaanse vorsers (Enze Han & Christopher Paik) onderzocht de relatie tussen het aantal religieuzen en het aantal incidenten per streek. Hun studie ging over de lente van 2008, toen in Lhasa zich het gekende oproer voordeed. Dit sloeg over naar de periferie, onder meer naar Aba. District per district vergelijken zij het aantal protestacties met het aantal monniken dat er woont. Hun conclusie is radicaal: de kloosters zijn “kernen van politieke onenigheid en nationalisme”.  

daoch74.JPG

 In verband met het theologisch boeddhistisch debat over zelfverbranding is er nog een element het vermelden waard. In het Tibetaanse pantheon zijn er godheden, die het ‘kwade met vuur bekampen’. De godheid Mahakala (Gonpo Maning in het Tibetaans) trekt, omgeven door een vlammenzee, ten strijde tegen het kwade.  (eigen foto, Daocheng of Dabba in West-Sichuan, 2007). In zijn memoires schrijft de dalai lama dat het zijn favoriete meditatie-godheid is. In alle tempels in de Tibetaanse gebieden in China zijn er afbeeldingen van Mahakala te zien. De monniken zijn ermee vertrouwd. Het ‘kwade’ wordt gemakkelijk de communistische partij in Tibet en aanpalende gebieden. Daar kan China door verplichte ‘patriottische opvoeding’ in de kloosters proberen een dam tegen op te bouwen, maar een zeker religieus fanatisme gekoppeld aan nationalistische eisen is een moeilijk te counteren fenomeen. De verplichte leergang over ‘wettelijkheid’ wordt als beperking van de religieuze vrijheid ervaren en/of als dusdanig aangeklaagd door de nationalisten in het buitenland.

De kloosters waren centra van Tibetaans nationalisme en zijn dat nog. Bovendien hebben zij een groot religieus aanzien bij de bevolking. De invloed vanuit het buitenland, vanuit de Tibetaanse uitwijkelingen in Indië en vanwege de wereldwijde steungroepen voor een quasi onafhankelijkheid van ‘Groot Tibet’, verhoogt de spanning ter plaatse.

De Tibetaanse gebieden in China waren gedurende de volledige 20e eeuw een internationaal strijdperk[10] en lijken dat nog een tijd te blijven. De Westerse mogendheden en media zijn daarbij betrokken. De Tibetaanse diaspora evengoed, met op kop de omgeving van de dalai lama. China wil hoofdzakelijk zijn territoriale integriteit bewaren, alles vertrekt daarvan. De middelen, die China inzet om multicultureel te blijven, zijn wellicht niet altijd de beste en irriteren een deel van de bevolking.  

 

 


 

[1] International Campaign for Tibet, een wereldwijde ONG met basis in Washington en gul gesubsidieerd door de VS-overheid en door enkele invloedrijke “Foundations” in de VS. ‘Radio Free Asia’ en een groot deel van de Europese pers neemt die informatie over.

[2]een volk uit het noorden van het hoogplateau dat door het Tibetaanse rijk van de 8e eeuw verdreven werd naar lagere gebieden in Sichuan)

[3]Behoorden tot het ‘Groot Tibetaanse Rijk’ van de 8e-9e eeuw, maar werden nadien niet meer door Lhasa bestuurd.

[4] Mathew Kapstein, een befaamde tibetoloog, schat het aantal Tibetaanse religieuzen op meer dan 100.000 (2004, p230). 

[5]Zowel reizende antropologen in het begin van de 20e eeuw als sociologen in het begin van de 21e eeuw stelden dit vast.

[6] Zelfs merkbaar op de foto’s van de zelfverbrandingen die op het net gepost werden.

[7] Dat Tibet een deel van China was werd door alle grote mogendheden van toen (inclusief het pas onafhankelijke Indië) onderschreven.

[8] Waar de dalai lama over heerste.

[9] Zie « Buddha’s Warriors », Mikel Dunham, Tarcher-Penguin Books, 2004.

[10] Zie de gedetailleerde werken van Melvyn Goldstein, op basis van de geschriften van het Engelse en het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken en op basis van de correspondentie van Lhasa in die tijd, voor de periode 1913-1956.

 

12:47 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, monniken, kloosters, onafhankelijkheid, dalai lama, china

13-03-09

Waar het allemaal begon: de opstand van 10 maart 1959 in Lhasa

Wang Qixiu, een nog levende ooggetuige van de opstand op 10 maart 1959 in Lhasa en die er toen in het postkantoor werkte, deed zijn verhaal aan china.org.cn, vertaald door NTIS[1]. Enkele uittreksels:

“Het leger kwam pas in actie na 10 dagen onlusten, op 20 maart, toen de rebellen het legerkamp aanvielen. De rebellen hadden voordien al het Potala paleis, het winterpaleis Norbulingka en de tempels Ramoche en Jokhang bezet.

Zij waren met tien tot twintigduizend[2] en beschikten over 10.000 geweren, 180 machinegeweren en 40 mortieren. Het Chinese leger bestond slechts uit 12 regimenten, totaal 1000 man. Op 22 maart hadden alle rebellen zich al overgegeven. 5300 rebellen werden gedood in de gevechten.

De 14e dalai lama vertrok al uit Lhasa de avond van 17 maart 1959. Mao gaf opdracht aan zijn generaal in Lhasa om hem niet te achtervolgen.”

 

Bij Mikel Dunham[3] vinden we getuigenissen van ex-rebellen. De versie van de feiten is vrij gelijklopend met hierboven:

“Bij zijn vertrek uit Lhasa op 17 maart was de dalai lama van plan om een tijdelijk hoofdkwartier te kiezen in de rebellenbasis van Lhuntse Dzong (een klein fort op 100 km van de Indische grens). Hij kwam er aan op 27 maart, maar onderweg al, op 24 maart, had hij het bericht gekregen dat de opstand mislukt was. Hij hoorde het ook op Radio Beijing via de radio van de CIA-officier, die hem begeleidde. Dat deed hem beslissen om in ballingschap te gaan. De 14e dalai lama benoemde nog de rebellenleider Gompo Tashi tot ‘generaal’ en op 31 maart overschreed hij de grens met India.” De nu gepensioneerde rebellen spreken over “15.000 doden en gewonden samen”.

 

Zo vertellen het ook Kenneth Conboy en James Morrison,[4] op basis van getuigenissen van toenmalige CIA-verbindingofficieren. Deze laatsten vermelden geen dodenaantal.

 

Kort na zijn aankomst in India, in juni 1959, verklaarde 14e dalai lama “dat er 70.000 Tibetanen afgeslacht waren in Lhasa”. Dat zal hij vijf jaar later optrekken tot 87.000 en het ook nog zo schrijven in zijn “memoires”, gepubliceerd in 1990.

 

De CIA schatte de totale toenmalige bevolking van Lhasa op 10.000[5] en noemde de dodencijfers “groteske verzinsels” vanwege de broer van de 14e dalai lama.[6]

Of zoals een Franse website onlangs titelde: “Overdrijven is geen leugen volgens de dalai lama.”



[1] 11/3/09 NTIS, US Dept of Commerce.

[2] De meeste rebellen waren Khampa’s, mensen van West-Sichuan en Oost-Tibet, die naar de hoofdstad afgezakt waren vanaf de zomer van 1958. Zij waren voorzien van wapens voordien al gedropt door de CIA.

[3] “Buddha’s Warriors, the story of de CIA-backed Tibetan Freedom Fighters, the Chinese Invasion and the ultimate fall of Tibet”, Mikel Dunham, met voorwoord van de 14e dalai lama, Tarcher-Penguin New York, 2004, pag 290-304.  

[4] « The CIA’s secret war in Tibet », Conboy en Morrison, Modern War Studies at Kansas University, 2002, pag 90-93

[5] Andere Westerse Tibetkenners van die tijd hebben het over 20.000 inwoners.

[6] Geciteerd in « The making of modern Tibet », Tom Grunfeld, Zed books, London, 1987, pag 129.

17:36 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, opstand, geweld, dalai lama, china, usa, cia

10-12-08

ordehandhaving in Lhasa, okt-nov 2008

Soldaatjes en politie bewegen tussen de mensen, maken geen "baan" vrij, schuiven de mensen niet opzij, bewegen aan hetzelfde tempo als de pelgrims. Ik heb ze ook nooit één keer de identiteit van iemand zien controleren of iemand zien fouilleren. Wat bij ons in Europa verteld wordt op dit ogenblik (november 2008): "De spanning is te snijden in Lhasa, iedereen is verdacht, de repressie slaat hard toe", dat heb ik niet gezien. Ik schrijf "soldaatjes", want zij zijn zeer jong en bijna een hoofd kleiner dan ikzelf. Maar zij zijn voor een deel gewapend en lossen elkaar af op de hoeken van de straten en stegen van het oude stadscentrum. Drie per straathoek, één met een geweer, één met een schild en de derde met een zendertje. Als zij afgelost worden verzamelen zij zich per 9 of 12, om in wandeltempo naar de kazerne te gaan. Geen grimmig vertoon, niet intimiderend, maar toch present: de oude stad staat onder bewaking, dat is duidelijk. Dat het kleine pelotons zijn 'verzacht' de zaak wat.

Op twee daken van gebouwen op het plein voor de Jokhang staat een gewapende soldaat toezicht te houden vanuit de hoogte.

Naast het leger is er ook politie aanwezig. Die is Tibetaans en hebben een zwart uniform. Op de rondgang rond de Jokhang tempel staan nu op regelmatige afstand - om de 50 à 100m - onnozele blauwrode parasols, met daaronder twee of drie ongewapende politieagenten op een stoel bij een wit plastieken rond tuintafeltje met daarop hun thermos boterthee. Er zijn ook gewapende politiepatrouilles, die in het gelid voorbij marcheren, maar ik heb die niet elke dag gezien.

 

Op het grote plein voor de Jokhang tempel is er een inrijpoort van een politiestation, tussen de antiekwinkels. Er is een duidelijk opschrift boven de poort: "police station". Westerse toeristen nemen er graag een goedingestelde foto van, waarbij ik aanneem dat zij die in reisverslagen gebruiken als voorbeeld van de "repressie" in Tibet. Een overheidsgebouw in een hoekje van de Barkhor, schuin tegenover het Mandala Hotel, doet dienst als voorlopige kazerne voor soldaten. Maar evengoed als vuilbak: straatvegers gaan er binnen met hun collectie afval.

 

Een Han-Chinese schooljongen gezien, die bij het verlaten van de school - drie soldaten bij de uitgang in de Beijing straat (Beijing lu) - een taxi nam tot 500 m verder. De jongen was flink rond. Hij moest het normale bedrag niet betalen en gaf slechts 0,5 yuan (6 eurocent). Vinden sommige Han ouders 'Beijing lu' een 'gevaarlijke' straat? De meeste vernielingen en brandstichtingen op 14 maart 2008 gebeurden in die straat. Of was de jongen gewoon een verwende snoeper? Andere kinderen, Tibetaans of Han, wandelden gewoon de straat af.

 barkhor

goed gevuld Barkhorplein, bij valavond. Enkele soldaten, die terugkeren naar de kazerne na hun bewakingstijd van een straathoek. 

zonnen

Op de heuvels rond Lhasa viel er al sneeuw. Op de Barkhor zitten oudere mensen te zonnen tegen de zuidelijke gevel van het Jokhang klooster.

15:05 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, rellen, leger, repressie, veiligheid

15-09-08

Nepal verstrengt houding tegenover Tibetaanse illegalen

De Nepalese autoriteiten treden strenger op tegenover Tibetaanse activisten in hun land. Tijdens de lente van 2008 werden er 106 aangehouden die tijdens demonstraties de Chinese ambassade in Kathmandu met geweld bestookten. De UNHCR (de organisatie van de Verenigde Naties voor de vluchtelingen) kreeg die 106 Tibetanen aan hen toegewezen door de Nepalese regering om na te gaan wie legaal of illegaal in het land verblijft. De illegalen zullen door het UNHCR naar India versast worden. De Nepalese inlichtingendiensten zeggen dat die 106 Tibetanen allen recent vanuit Dharamsala in India clandestien Nepal binnenkwamen om er de rellen te organiseren. Dharamsala is de zetel van de "regering in ballingschap" van de 14e dalai lama. Een aantal media suggereren dat China druk uitoefende op Nepal om strenger op te treden. Dat ontkent de Nepalese minister voor binnenlandse zaken, zeggende dat Nepal geen problemen wil met de buren en enkel de internationale praktijk volgt met betrekking tot legaal of niet legaal in een land verblijven.

(Asiaweek 12 sept 2008 en Xinhua 14 sept 2008).

09:34 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, nepal, illegaal, geweld, vluchtelingen

03-05-08

Tibet: een interne Chinese aangelegenheid of een internationaal conflict?

Jean-Paul Desimpelaere 

Een lange voorgeschiedenis

Om de "kwestie Tibet" beter te begrijpen moeten we terug naar de 19e eeuw. Twee grootmachten van die tijd kwamen elkaar tegen in Azië. Engeland vanuit het zuiden, tsaristisch Rusland vanuit het noorden. China, met Tibet, lag daartussen. De gemakkelijkste hap was Tibet. Rusland veroverde Centraal-Azië, Siberië en kreeg invloed in Mongolië en in delen van Noordoost- en Noordwest-China. In Tibet kwamen Buriat Mongolen, in dienst van de Russen, op hoge posten terecht.

Het eerste Tibetaanse gebied dat door de Engelsen veroverd werd was Ladakh, definitief protectoraat van Engeland in 1846. Dit werd vastgelegd in een "vredesverdrag". Het China van de toenmalige Qing keizers wilde niet tekenen, maar lokale Tibetaanse leiders deden dat wel. Het huidige "Tibet Justice Center" (TJC)[1] haalt dit "verdrag" tussen Tibet en Ladakh aan als een bewijs van Tibet's onafhankelijkheid tegenover China, zogenaamd omdat de Tibetaanse leiders "zelfstandig hun buitenlandse koers bepaalden". Het TJC vermeldt er niet bij dat het om gewapenderhand opgedrongen concessies ging. Het eerste vernederende verdrag betreffende Tibet, dat het Chinese keizerrijk mee ondertekende, was het "Nepal-Tibet verdrag" van 1856. Dit kwam er na een korte invasie van Tibet door (Engels) Nepal. Het verdrag legde oorlogsschuld op aan Tibet en dwong handelsconcessies af. Het TJC vermeldt ook dit verdrag en de andere Tibetaanse gebieden die Engels werden (Sikkim, in 1860 en Bhutan in 1864) als "bewijs van Tibet's onafhankelijkheid".

Het laatste concessiestukje kwam er ook onder dwang. In 1904 versloeg Engeland, in zijn opmars naar Lhasa, het lokale Tibetaanse leger. Het in verval zijnde Chinese keizerrijk was niet bij machte om enige weerstand te bieden. Voor de Tibetaanse lokale elite was de nieuwe sterke macht Engeland, dat in 1913 de kersverse Chinese Republiek en de Tibetanen naar de Conferentie van Simla bracht. Engeland palmde toen het huidige Indische Arunachal Pradesh in, een gebied zo groot als Zwitserland, ten nadele van Tibet. Het akkoord van Simla wordt nu als hevigste argument gebruikt door de voorstanders van de onafhankelijkheid van Tibet, omdat alle Chinese implicatie in Tibet gebannen werd en vervangen door een exclusieve aanwezigheid van Engeland. "De facto" was Tibet onafhankelijk geworden van China, hoewel het akkoord toch de Chinese "suzereiniteit" bevestigde. Terwijl Tibet "de facto" afhankelijk werd van Engeland, voor zijn economie, zijn leger en zijn buitenlandse politiek. En bovendien een stuk grond verloor.[2] China ondertekende het verdrag niet. Dat deed het Engelse ministerie van Buitenlandse Zaken in 1915 stellen: "Het nut dat we halen uit de Simla overeenkomst blijft puur academisch aangezien ze niet ondertekend werd door de Chinese regering en ook niet erkend werd door de Russische. De overeenkomst is daardoor ongeldig."[3]  Nog aan te stippen valt dat Engeland tijdens die Simla conferentie een kaart van "Groot Tibet" naar buiten bracht, dubbel zo groot als het Tibet waar de toenmalige dalai lama over heerste.[4] Na de Tweede Wereldoorlog wisselden de hoofdrolspelers.

De USA en Mao

Tijdens de verzetsoorlog tegen de Japanse bezetting groeide in China de aanhang van de Communistische Partij. Een nieuwe wereldspeler werd ongerust. Een aantal maanden voor de communistische machtsovername in Peking in 1949, schrijft het USA Staatsdepartement voor het Verre Oosten[5]:

"(...) 2. Indien Tibet weerstand kan bieden tegen het communisme, dan is het in ons belang om het te erkennen als onafhankelijk in plaats van het te blijven beschouwen als deel van China.

3. De Tibetaanse regering is relatief stabiel. Het volk is conservatief, religieus en bereid om het boeddhisme te verdedigen tegen het communisme. Het morele gezag van de dalai lama reikt verder dan de grenzen van Tibet.

4. De Chinese overheid heeft momenteel geen effectief de facto gezag in Tibet en zal daar in de toekomst altijd moeilijkheden mee hebben.

5. De Tibetanen tonen een verhoogde interesse voor buitenlandse handel en het is in ons voordeel als die interesse westwaarts gaat."

Het rapport gaf tegelijk een aantal waarschuwingen om niet overhaast tewerk te gaan, de inhoud ervan is verhelderend voor de houding van de USA tijdens de volgende decennia:

" Het erkennen van Tibet als onafhankelijk land is voor ons niet de echte kwestie. Waar het om gaat is onze houding tegenover China. Tot nu erkenden wij de territoriale integriteit van China. Wij hebben bijgedragen tot het niet uiteenvallen van China, wij hielpen China om de uit de Tweede Wereldoorlog te herrijzen als grote macht. Wij moeten deze politiek blijven volgen zolang het niet duidelijk is dat een permanent in stukken vallen van China onvermijdelijk wordt en zolang wij geen vaste voet in Tibet hebben."

"De situatie verandert als er een regering in ballingschap zou ontstaan. In dat geval is de aangewezen politiek voor de USA om die te steunen zonder Tibet als onafhankelijk land te erkennen."

Dit was de strategie van de USA in 1949 en die is tot op heden weinig veranderd.

Daarvan was de 14e dalai lama zich toen bewust en hij vertelt het nu ook openlijk: "Gedurende de jaren vijftig hebben de Amerikanen Tibet gesteund, niet door morele overwegingen of uit sympathie, maar vanuit hun wereldwijde anticommunistische politiek"[6]. In de enkele jaren ('49-'51) voor de aankomst van het Rode Leger vroeg de jonge 14e dalai lama met zijn regering Engeland en de USA om troepen of minstens wapens[7]. Slechts Engeland leverde een beperkte hoeveelheid. "Geen enkele grootmacht gaf u reële militaire steun voor de invasie. En na de invasie bleef de UNO doof voor uw oproep. U voelde zich verraden?" vraagt Laird aan de 14e dalai lama. "Ja", antwoordt hij koudweg[8].

Het nieuwe Chinese regime wilde voor Tibet behoedzaam een trage weg bewandelen. Voorop stond de hereniging van China. Mao en het Chinese Centraal Comité beseften duidelijk dat er geen "massabasis" aanwezig was in Tibet om sociale hervormingen door te voeren. Een richtlijn van het Centraal Comité van de Communistische Partij onderstreepte dit:

 "Momenteel kunnen we het ‘17 punten akkoord van 1951'[9] niet integraal toepassen. Wij beschikken niet over de steun van de massa's en ook niet over de steun van de hogere sociale bevolkingslagen. Als we het akkoord door middel van dwang in praktijk zouden brengen zou dat meer vooroordelen dan voordelen opleveren. Zij willen het Akkoord niet integraal toepassen? Wel, we zullen er ons voorlopig bij neerleggen. (...) Laat hen maar doorgaan met het volk wreed te behandelen, wij zullen ons intussen bezighouden met positief werk zoals het organiseren van de productie, de handel, de wegenbouw, de volksgezondheid en het eenheidsfront, zodat we de massa's voor ons winnen en als de goede voorwaarden aldus vervuld zijn, zullen we de kwestie van de integrale toepassing van het Akkoord regelen. Als zij het niet het geschikte moment vinden om lagere scholen op te richten, kunnen we daar ook nog even mee wachten."[10]

De Chinese strategie was erop gericht om de heersende klasse in Tibet, inclusief de dalai lama, te winnen voor de nationale eenheid met China.[11] Bij hun aankomst in 1951 in Tibet was het Rode Leger onderworpen aan een strikte discipline, zij eisten geen voedsel op, zij lieten het aanvoeren uit de rest van China of betaalden een normale prijs ervoor bij de lokale bevolking en begonnen zelf braakliggende terreinen te beplanten voor hun onderhoud. Het lijfeigenensysteem bleef bestaan tussen 1951 en 1959. Van belang is dat het Tibet dat toen ter discussie stond, dit was binnen zijn huidige provinciegrenzen, niet het concept "Groot Tibet".

Buiten de "provincie Tibet" liep het fout

De geleidelijke politiek voor Tibet werd in de aanpalende gebieden, waar ook Tibetanen wonen - naast andere bevolkingsgroepen - in de jaren vijftig voorbijgesneld door de landhervorming die overal in de rest van China zijn weg vond. Dit was niet naar de zin van de lokale Tibetaanse grootgrondbezitters - kloosters en edellieden - in die streken. In 1956 breekt opstand los onder de Tibetaanse bevolking in de provincie Sichuan. Een groot deel van de families waren gehecht aan een klooster, zij hadden er een zoon in zitten. De paniekverhalen en de opstand naderen gedurende de volgende jaren Lhasa. Onder impuls van Gyalo Thondup, de broer van de dalai lama, die al vanaf 1951 voor Buitenlandse Zaken van de USA werkte[12], begint de CIA de weerstand te steunen.[13] Het geheel bereikt een hoogtepunt in Lhasa op 10 maart 1959 met een massale betoging voor het zomerpaleis van de dalai lama, dag waarop de dalai lama uiteindelijk toegeeft aan de tien jaar lange pogingen van de USA om hem in ballingschap te lokken.[14] Pas aangekomen in India verklaarde de dalai lama dat er "87.000 Tibetanen brutaal afgeslacht waren"[15] tijdens de opstand (die hij niet eens gezien had) in Lhasa, terwijl de totale bevolking van Lhasa, aangedikt met de vluchtelingen uit Sichuan toen ongeveer 40.000 bedroeg.[16] Het cijfer staat nog steeds op de websites van de Tibetaanse "regering" in ballingschap en van de sympathiserende groepen in het Westen.[17]

De gevluchte Tibetanen

1959 was het sein voor vele elitefamilies, met hun dienaren, om Tibet te verlaten en zich in India te vestigen. Nu zijn er 120.000 Tibetanen in het buitenland, wat neerkomt op 2% van de totale Tibetaanse bevolking in China. Naast hun persoonlijk fortuin konden de gevluchte Tibetanen van bij het begin rekenen op een flinke geldelijke steun vanwege de USA. Een voorbeeld van het jaarlijks toegekende bedrag is vermeld in de publiek gemaakte hoorzitting bij Buitenlandse Zaken van de USA in 1964: 1,7 miljoen dollar, plus 186.000 dollar voor de 14e dalai lama persoonlijk.[18] Sinds de jaren tachtig worden de Amerikaanse steunbudgetten voor de Tibetaanse gemeenschap buiten China verstrekt door diverse semiofficiële "ngo's".[19]  

Vijftig jaar propagandaoorlog

Van 1956 tot 1974 was er Amerikaanse steun voor een guerrillastrijd tegen China. Wapens werden geleverd, instructeurs en opleidingen. Een paar honderd gevluchte Tibetanen uit Oost-Tibet en Sichuan kregen zelfs een opleiding in de USA in het valschermspringen.[20] In India werd een legertje van 7.000 Tibetaanse rebellen gevormd en uitgerust.[21] Maar buiten het aanvallen van een paar camionkonvooien haalde het verzet weinig successen, de Tibetaanse bevolking in Tibet gaf ze geen medewerking en het Chinese leger was ze telkens vlug op het spoor.[22]

Veel belangrijker werd de propagandaoorlog. "Door de dalai lama naar het buitenland te brengen wilden de USA van hem een belangrijk Aziatisch symbool en woordvoerder maken van het anticommunisme. Voor de USA hield dat weinig risico in en een groot nut (...) De Tibetaanse leiders waren teleurgesteld dat de USA geen troepen stuurden"[23] Onmiddellijk in 1959 werd "schending van de mensenrechten, godsdienstvervolging en genocide" gelanceerd door de "International Commission of Jurists" (ICJ), een organisatie die vlak na de Tweede Wereldoorlog in Berlijn opgericht werd met het doel "bezwarend feitenmateriaal" te verzamelen tegen de USSR en de Oostbloklanden. In een rapport in 1959 klagen zij China aan van "het moedwillig doden van Tibetanen, waardoor een onderzoek naar genocide nodig wordt".[24]  Het is nu geweten hoe en door wie het "feitenmateriaal" voor dat dossier verzameld werd: Tashi Tsering, een gevluchte Tibetaanse intellectueel, bezocht in 1959 de vluchtelingenkampen in India en Nepal om er verhalen van moordpartijen in Tibet uit hun mond te vernemen. Hij vernam er geen. Zijn bevindingen gaf hij door aan Gyalo Thondup, de broer van de dalai lama, die er dodencijfers bijplakte en die doorgaf aan de ICJ[25]. Die geschreven getuigenissen kon Patrick French, ex-directeur van "Free Tibet" in Londen, later in het archief van de "regering" van de dalai lama in India inkijken. Zelfde vaststelling: achteraf toegevoegde cijfers van dodentallen. Bovendien: "allemaal mannen"[26], wat zou betekend hebben dat de totale mannelijke bevolking verdwenen was.

Nochtans gaat het cijfer van 1,2 miljoen doden in Tibet door de "dictatuur van de Chinezen" nog steeds de wereld rond.

In de jaren negentig, na het toekennen van de Nobelprijs aan de dalai lama, vermenigvuldigen de "Tibet Support groepen" en hun internetsites zich in Europa en de USA, tot zelfs in de vroegere Oostbloklanden. Er kwamen "Tibet Bureaus" (vertegenwoordiging van de "regering in ballingschap") in verscheidene wereldhoofdsteden.[27] Soms werden hiervoor speciale budgetten uitgetrokken door Buitenlandse Zaken van de USA: 75.000 dollar voor de bureaus in New York en Genève.[28] Enkele duizenden comités verspreid over de Westerse wereld (tot in Liechtenstein) namen het voortaan op voor de onafhankelijkheid van Tibet. De aantrekkingskracht bij onze intellectuelen nam dikwijls de vorm aan van een verwesterde versie van het Tibetaanse boeddhisme, een soort "boeddhisme light", ontdaan van zijn vele goden en van tal van Tibetaanse tradities, een "nieuwe" spiritualiteit. Maar onder de monniksmantel van de "lama" zat een politieke boodschap, die mee gecommunieerd werd: "Tibet is bezet en moet onafhankelijk worden".

Toonaangevers in de "informatiecampagne" zijn: International Campaign for Tibet (ICT), China Digital Times (CDT) en TibetInfoNet (TIN). Aan het hoofd van ICT (USA) staat John Ackerly, die volgens zijn curriculum zijn eerste sporen verdiende in het organiseren van de oppositie in de vroegere Oostbloklanden.[29] Erevoorzitter van het ICT is de acteur Richard Gere, uitvoerend voorzitter is Lodi Gyari, de officiële vertegenwoordiger van de dalai lama in de USA. Bij de raadgevers en bestuursleden zijn er diverse ex-functionarissen van de Amerikaanse overheid. Het ICT heeft een kantoor in Brussel, Amsterdam en Berlijn.

CDT is verbonden aan de Ford Foundation en de Dalai Lama Foundation.[30]

Het TIN (Londen) profileert zich als niet-militant, als databank voor onderzoekers, politici en...wikipedia. Het is daarom niet minder "gekleurd". De overdrijvingen in de propaganda van de actiegroepen zijn niet aanwezig op de website van TIN. Maar het blijft een spreekbuis voor de onafhankelijkheid van Tibet. Vele van hun artikels zijn "anonieme getuigenissen". Toch gebruiken bv. Franse Tibetologen  het TIN als "referentie"-materiaal.[31] 

Onafhankelijkheid of "betekenisvolle autonomie"?

In zijn toespraak voor het Amerikaanse Congres in 1987 heeft de dalai lama het nog over "onafhankelijkheid". In 1988 echter, in een toespraak voor het Europees Parlement verandert de terminologie: "de middenweg" of "betekenisvolle autonomie". In het ontwerp voor een grondwet voor Tibet[32], geschreven door de dalai lama in 1992, staat duidelijk wat de inhoud is van die "betekenisvolle autonomie": het gaat over "Groot Tibet" (1/4e van China), gedemilitariseerd (Chinees leger buiten), eigen grondwet gebaseerd op het boeddhisme, Tibet voor de Tibetanen ("ingeweken" Chinezen buiten), meerpartijenstelsel en vrije markt. Voor het Amerikaanse Congres in 1987 gebruikte de dalai lama het cijfer van 7,5 miljoen om aan te duiden hoeveel Chinezen "zijn land" uitmoesten. In een interview met de Süddeutsche Zeitung (22.09.2007) zegt hij: "Alle Chinezen die Tibetaans spreken en de Tibetaanse cultuur respecteren mogen blijven, in zoverre zij niet met te veel zijn. Alle Chinezen die denken dat de Tibetanen stinken moeten beter ons land verlaten." 

De voorbereiding van de rellen van maart in Lhasa

Van 11 tot 14 mei 2007 hield het internationale netwerk van "Tibet Support" groepen een conferentie in Brussel. Ze was de 5e van dien aard. De vorige was in Praag, in 2003, in aanwezigheid van de dalai lama zelf. De hoofdorganisatoren in Brussel waren: de "regering" in ballingschap van de dalai lama en het ICT. In het totaal waren er 181 groepen vertegenwoordigd, gespreid over 56 landen. Onder leiding van de "eerste minister" en de "minister van informatie" van de dalai lama - deze laatste wordt door zijn aanhangers nog steeds als "staatshoofd" aanzien - werd een actieplan opgesteld in het vooruitzicht van de Olympische Spelen.[33] Dit was het belangrijkste onderwerp van de conferentie, zoals blijkt uit de korte externe verslaggeving.

Volgde in augustus 2007, één jaar voor de Olympische Spelen, de "officiële" start door het ICT in de USA van de halve of hele boycot van de Spelen, met een reeks betogingen en T-shirts.

In januari 2008 vormden de Tibetanen in India het overkoepelende "Tibetan People's Uprising Mouvement" (TPUM)[34], een front voor de opstand, dat geweld niet uitsluit. Alle Tibetaanse verenigingen in India maken er deel van uit. Enkel de dalai lama in persoon houdt nog de "geweldloze" façade overeind. Hoewel, op 22 januari deed hij een oproep op de Engelse ITV om "te betogen". In februari 2008 kregen 40 kaders van TPUM een vorming in "actiecoördinatie". Eén van de lesgevers was de hoofdredacteur van het door de USA gesponsorde "Voice of Tibet".[35] 

Op 10 maart, de herdenkingsdag van de opstand van 1959 in Lhasa, hield de dalai lama een hevig discours, waarin hij ondermeer "bidt voor de heldhaftige Tibetanen die hun leven gaven voor de vrijheidstrijd".[36] In de Westerse hoofdsteden, in India en Nepal waren er betogingen voor de Chinese ambassades. De Tibetaanse organisaties in India hadden telefonisch contact met verbindingsmensen in Lhasa.[37]  Volgden op 14 maart de bloedige raids van groepjes Tibetanen in Lhasa.

Tibet veroveren of Peking veroveren?

Net zoals de USA in 1949 zeiden: "voor ons gaat het niet om Tibet maar om China" (zie hoger), is dit nu net hetzelfde. Het communiqué van de conferentie in Brussel in mei 2007 vermeldt: "wij hopen dat de vrijheid voor de internationale media naar aanleiding van de Olympische Spelen uitgebreid wordt naar de Chinese media zelf." "Persvrijheid" is het eerste breekijzer om een tegenmacht in Peking te kunnen opbouwen. De "openheid" van de Olympische Spelen is de deur waarlangs zij met een blijvend ticketje binnen willen. Nancy Pelosi, voorzitster van het Amerikaans Congres, eist zelfs een "USA bureau in Lhasa", voor "neutrale waarneming".[38] De dalai lama vraagt "persvrijheid en transparantie".[39] Hij en zijn vrienden willen China een andere ideologie bezorgen: "De Chinezen zijn radicaal materialistisch en communistisch. Dat is belachelijk. Zij waren vroeger boeddhistisch. Ik ben steeds bereid hen spiritueel te dienen en ik zal een zuiveringsceremonie uitvoeren op het Tian an Men plein om er de duizenden doden te herdenken."[40]   

Een bekende activist voor de onafhankelijkheid van Tibet, Jamyang Norbu (veteraan van de guerrilla tegen China in de jaren zestig): "Net zoals de val van de Berlijnse Muur vrijheid bracht voor een aantal landen, kan de onafhankelijkheid van Tibet de vrijheid van buurvolkeren bevorderen, zoals Birma, Oost-Turkestan (de actuele Chinese province Xinjiang), Binnen-Mongolië (eveneens een Chinese provincie) en  evengoed voor het Chinese volk zelf."[41] De inzet is duidelijk: China doen uiteenvallen. De sponsors zijn ook duidelijk: de USA. En het middel is Tibet.

Waarom NU de "Himalaya muur" proberen aan het wankelen te brengen?

De USA zitten in een diepe crisis en China wordt alsmaar sterker. Op alle continenten wordt China een geduchte concurrent voor de USA. Voor Afrika is China de derde handelspartner geworden, na de USA en Frankrijk. Voor China zelf is Europa de belangrijkste handelspartner.[42] De Amerikaanse democraat John Murtha, voorzitter van de Congrescommissie voor defensie, vindt dat Irak minder aandacht moet krijgen en China meer: "Wij moeten militair in staat zijn om China of Rusland of gelijk welk ander land, dat voor ons een uitdaging wordt, te stoppen."[43] 

Felle tegenwind

De USA sturen aan op een soort "oranje revolutie" in China. Maar de huidige media-aanval op China bereikte voorlopig het tegenovergestelde: De bevolking is er bijzonder verontwaardigd over de vervormde beeldvorming in het Westen. Voor het eerst ook in de geschiedenis komen Chinezen in het buitenland op straat en op internet om de eenheid van China en de rechtmatige plaats van China in de wereld te verdedigen. Een Chinese student postte op het web volgende samenvattende regel: "Toen China zwak was, kwamen jullie westerlingen met een leger jullie ‘rechtmatig' deel opeisen (de concessies). Toen wij de gebroken potten weer lijmden (het land herenigden) riepen jullie ‘Tibet Vrij', ‘Invasie'".[44]

De Chinese leiders beseffen dat zij sinds de val van de Muur van Berlijn de mediaoorlog onderschat hebben, dat vertelden mij correspondenten van ginder. Voor het eerst ook zagen wij pogingen van Chinese diplomaten of studenten om op TV of radio hun klok, soms onhandig, te laten horen, geluid dat vijftig jaar lang afwezig of minstens ongehoord was. De overheid in China had alles gezet op de ontwikkeling van de Tibetaanse gebieden. Massa's geld voor de uitbouw van infrastructuur, onderwijs, gezondheidszorg, landbouw en lichte industrie. Daarmee hoopten zij "door feiten, door daden" de basis van de in het buitenland gevestigde separatisten te verkleinen. Tibet is geen "kolonie" waarop China zich verrijkt. Het "autonoom" budget van Tibet is voor 90% gespijsd door de centrale kas.[45] Het gaat over een bedrag van meer dan 2 miljard dollar per jaar, groter dan de Europese ontwikkelingshulp aan Afrika. In Afrika wonen een paar honderd miljoen mensen, in Tibet 3 miljoen. Stel dat Tibet onafhankelijk wordt: wie zal zoveel centen ophoesten? In Tibet is onderwijs en gezondheidszorg gratis, boeren en herders hoeven geen belasting te betalen. Er zijn subsidies voor huizenbouw, voor serres, voor zonnepanelen, voor methaankachels. Maar dit alles is niet geweten wereldwijd. China won misschien op gebied van de lokale ontwikkeling, maar is in het defensief gedrongen in de internationale mediaoorlog.

Toch krijgt China steun in het huidige conflict. En niet weinig. Quasi de volledige "derde wereld" schaarde zich niet achter het concert van "veroordeling": Centraal-Azië, Afrikaanse staten, Zuid-Amerikaanse, Aziatische.[46] Het Europees kapitaal twijfelt en is verdeeld over de keuze: USA of China. Maar dat is een ander hoofdstuk.


[1] "Tibet Justice Center" (TJC), tekst "Tibet's Sovereignety and the Tibetan People's Right to Self-Determination", paragraaf: "The Government of Tibet was capable of entering into international relations and had entered into such relations repeatedly", website TJC. www.tibetjustice.org.materials/treaties/index.html en www.tibetjustice.org/reports/sovereignty/independent/a/in....

Het TJC is in 1989 opgericht door Walt Van Praag, juridisch adviseur van de 14e dalai lama. De organisatie is gebaseerd in de USA maar huist ook in het "Tibet Bureau" (van de Tibetaanse "regering in ballingschap") in Genève, alwaar ze als NGO gehoord worden door UNO instanties. Het TJC is lid van het "International Tibet Support Network" en verstrekt jaarlijkse vorming over "zelfbestuur" aan Tibetaanse bannelingen in India.

[2] De volledige tekst van het Simla akkoord is ondermeer te vinden in Goldstein, "A History of Modern Tibet, 1913-1951, The demise of a lamaist state", appendix C, University of California press.

[3] Foreign and Political Department, Government of India, brief 448EB, 3/9/1915.

[4] Goldstein (zie hoger), volume 1, pag. 70-74.

[5] Bacon Ruth, US Office of Foreign Affairs, FRUS, memorandum to the Chief of the Division of Chinese Affairs of the State Department (Sprouse), 693.0031 Tibet/I-849-12/4/1949. Website Wisconsin digital library.

[6] Laird, "Une histoire du Tibet, conversations avec le dalaï-lama », pag. 305, Plon, 2006.

[7] Een brief van het Tibetaanse bureau voor betrekkingen met het buitenland, geciteerd door Goldstein,vol 1, pag. 625.

[8] Laird, idem, pag. 311.

[9] In het « 17 punten akkoord » tussen de centrale Chinese regering en de regering van de dalai lama stond dat "sociale hervormingen in overleg" moesten gebeuren.

[10] Mao Ze Dong, "Principes politiques pour notre travail au Tibet, directives du Comité Central du Parti Communiste Chinois, avril 1952", Oeuvres Choisis, tome V, Beijing, 1977.

[11] Renmin Ribao (Volksdagblad), 26/5/1951.

[12] Goldstein, "A History of Modern Tibet,volume 2, The calm before the storm: 1951-1956", University of California Press, 2007, pag. 240-241

[13] Conboy, "The CIA's Secret War in Tibet", pag. 36, "Modern War Studies", University of Kansas, 2002

[14] Zie bv. Een brief van USA ambassadeur Henderson, 17/9/1951, aan de dalai lama. In extenso in Goldstein, volume 1, pag. 808-809.

[15] Barry Sautman, « Contemporary Tibet », M.E. Sharpe, USA, 2006, page 245

[16] Barbara Erickson, « Tibet, Abode of the God », USA,1997, pag. 197

[17] Department of Information, Tibet Government in Exile, 1993 : "Tibet, proving Truth from facts" 

[18] FRUS (Foreign Relations of the US), Volume 1964-1968, 337, 9/1/1964

[19] Ondermeer : NED of National Endowment for Democracy (afsplitsing van de CIA, opgericht in jaren zeventig, Tibet Fund, International Campaign for Tibet (ICT), Bureau of Democracy, Human Rights and Labor van het ministerie van BZ..

[20] Mikel Dunham, "Buddha's Warriors" (met voorwoord van de dalai lama), pag. 314 e.v., 2004, USA.

[21] De SFF, Special Foreign Forces, zie Conboy, pag. 247

[22] Conboy (zie hoger), pag. 141-143

[23] Goldstein (zie hoger), vol 2, pag. 119 en 145.

[24] ICJ Report on Tibet 1959,te vinden o.m. op de website van de Tibetaanse "regering" in ballingschap http://www.tibet.com/  

[25] Tashi Tsering, Goldstein en Siebenschuh, « The struggle for modern Tibet, the autobiography of Tashi Tsering", M.E. Sharpe, USA,1997, pag. 57

[26] Patrick French, « Tibet, Tibet », Albin Michel, 2005, pag. 324

[27] New York, Washington, Genève, Brussel, Tokyo, New Delhi, Londen, Parijs, Canberra, Pretoria, Taiwan, Moskou.

[28] FRUS, 9/1/1964

[29] ICT, website, staff members, short biography of J. Ackerly.

[30] Michael Barker, Global Research, 29/3/2008. http://www.globalresearch.ca/

[31] Zoals in het boek « Le Tibet est-il chinois ? Réponses à cent questions chinoises », AM Blondeau en Katia Buffetrille, Albin Michel, 2002.

[32] "A vision for a future free Tibet », website « regering » in ballingschap van de dalai lama.

[33] Tibetan Bulletin (officieel tijdschrift van de dalai lama en zijn "regering"), mei-juni 2007, volume 11, nr 3.

[34] Website TPUM, http://tibetanuprising.org/, beginselverklaring. In de inleiding staat nog steeds het uitgevonden "historisch" cijfer van méér dan 1 miljoen doden.

[35] Website « Phayul », Tibetan People's Uprising Movement to reinvigorate the tibetan freedom movement, 20/2/2008.

[36] Persoonlijke website dalai lama, speech 10 maart 2008.

[37] Mathieu Ricard, persoonlijke Franse tolk van de dalai lama, Télérama France, 16/4/08

[38] Resolutie 1077 van het Amerikaans Congres, ingediend op 3 april 2007 en aangenomen door het Congres.

[39] Persoonlijke website dalai lama, speech 10 maart 2008

[40] Interview met "Le Nouvel Observateur", 17/01/2008

[41] Website « Phayul », artikel van Jamyang Norbu, 4/7/2007

[42] Europa voert méér in uit China dan uit de USA. Voor de Europese uitvoer is China bestemming nummer twee. Bron: Eruopean Commission, external Trade, 2006.

[43] Reuters, 5/2/2008

[44] www.wforum.com/gbindex.html, 10 april 2008.

[45] Economische statistieken China.

[46] Xinhua, 22/03/2008

21:33 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: geweld, dalai lama, china, usa, internationaal, tibet

13-04-08

mediakwakkels

Ik heb nog nooit zoveel Nepalese politiemannen in foto gezien, met als onderschrift: "onlusten in Tibet".

Volgende link is verhelderend:

http://www.quant-media.com/pubcollections.html


 Er staat ook meer op die site dan Nepalese politiemannen. 

21:35 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: china, geweld, media, tibet

08-04-08

rellen in Tibet: het begon in Brussel

 

Een kalender van acties, die niet op spontaneïteit berusten. En ik heb er zeker een paar tientallen over het hoofd gezien. De "Tibet support" groepen kenden die timing, wij niet. Het begon in Brussel.

Van 11 tot 14 mei 2007 was er in Brussel een internationale bijeenkomst van alle bewegingen die ijveren voor de onafhankelijkheid van Tibet. De 1e minister van de "regering" van de dalai lama, Samdhong Rinpoche, zat de bijeenkomst voor. Normaal zou ook de DL gekomen zijn, maar toevallig was koning Albert in China. 36  verenigingen van Tibetanen in ballingschap en 145  "support groepen" namen er aan deel. Een plan voor acties in de aanloop naar de OS werd er afgesproken. ("Tibetan Bulletin", officieel orgaan van de "regering" van de DL).

26 mei 2007: bijeenkomst van de Europese "Tibet support" groepen in Turijn. Daar wordt besloten de toen al geplande  "mars op Tibet van 10 maart 2008" ten volle te ondersteunen met betogingen. Maar ook: "Een eventuele opstand in Tibet volledig te steunen." (website Phayul, "European support to TPUM").

4 augustus 2007:  lancering in de USA van het "jaar van acties" in de aanloop naar de OS, door International Campaign for Tibet (ICT), met thuishaven Washington, met huiscenten van de Amerikaanse regering (via NED, een mantelorganisatie van de CIA) en met een bureau in Brussel. (zie website ICT). De "avaaz"-petitie is mee door hen gelanceerd.

Augustus 2007: tal van betogingen door de "support groepen" in de USA en Canada. Ook in Nederland. (website ICT).

20 augustus 2007: 170 leden en sympthisanten van de nieuw opgerichte Belgische afdeling van het TYC (Tibetan Youth Congres, belangrijkste fractie onder de Tibetanen in ballingschap)  betogen voor de Chinese ambassade in Brussel onder het motto: "boycot OS".

23-24 juni 2007: harde taal op een seminarie in India vanwege de Tibetaanse leiders in ballingschap. "Ons vreedzaam protest is aan het falen, wij moeten andere wegen zoeken."  (website Phayul).

4 januari 2008: oprichting TPUM (Tibetan People's Uprising Movement) om, zoals ze zelf zeggen "de geest van de opstand van 1959 opnieuw in daden om te zetten". Het geheel van het Tibetaans "parlement" in ballingschap maakt deel uit van die beweging. (website TPUM).

22 januari: oproep van dalai lama tot "betogen in aanloop naar de OS", op de Engelse televisie ITV.

Februari  2008: intensieve vorming in "actiecoördinatie" voor 40 kaders van TPUM. Eén van de lesgevers is de hoofdredacteur van "Voice of Tibet", gesponsord door de USA. Eén van de vormingsteksten is een recent naar het Tibetaans vertaalde CIA-handleiding van "hoe dictaturen doen vallen", voordien gebruikt in Oost-Europa. (website Phayul). 

Een zeer virulente toespraak van de DL op 10 maart 2008, dag van de herdenking van de mislukte opstand in 1959. (zie zijn eigen website). De hevigheid van het taalgebruik staat in contrast met de enkele jaren ervoor.

Maart: pamfletten, cd's en vlaggen naar Tibet gesmokkeld en uitgedeeld, door TPUM. (Xinhua).

8-9-10 maart: betogingen voor de Chinese ambassades in Europa, India, Nepal,  USA en Canada. Die betogingen waren aangekondigd vanaf midden januari en gaven als  info "link": TPUM.

10 maart: start van de "mars op Tibet" door TPUM, vanuit Dharamsala.

10 maart: 300 monniken de straat op in Lhasa

14 maart: de dodelijke rellen van Tibetaanse jongeren tegen de Han en Hui Chinezen.

14 tot 21 maart: mondiale desinformatie over het "optreden van het Chinese leger", gestart door ICT, Radio Free Asia en Voice of Tibet. (zie hun "net").  

Na 21 maart: mondiale desinformatie over het "opsporen, doden en vervolgen" van de opstandelingen, door dezelfde kanalen. (idem)

18 maart: vrijgave van een rapport van het USA State Department over de schending van de mensenrechten in China.

21 maart: het bezoek van "USA nummer drie" Nancy Pelosa aan de DL in Dharamsala.

Einde maart: RSF (eveneens gesponsord door het Amerikaanse NED) werpt zich voor de camera in Athene.

April: nieuw rapport van Amnesty International over de schending van de mensenrechten in China, met een bijlage over de onderdrukking van de Tibetaanse opstand.

6 april: "free Tibet" werpt zich op de vlam in London.

7 april: "free Tibet" dooft de vlam in Parijs en RSF beklimt de Eifeltoren.

6 april: De DL, in een brief aan "alle" Tibetanen: "Ik ben triestig en ongerust over de keuze van wapens vanwege de Chinezen om de geweldloze uitingen van de verlangens van het Tibetaanse volk in de kiem te smoren en aldus vele doden te veroorzaken, naast schade en trauma's in het algemeen." "Ik vraag aan de Chinese autoriteiten om alle repressie te stoppen, politie en leger terug te trekken uit alle Tibetaanse gebieden. Als dit het geval wordt, wil ik aan de Tibetanen vragen om te stoppen met betogen." (website DL).

20:09 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: onafhankelijkheid, tibet, dalai lama, china, geweld, usa, cia

23-03-08

strategie na de onlusten

 

Het geweld in Lhasa, op 14 maart 2008, door Tibetaanse groepen betogers tegen de Huimoslims en de Han Chinezen was zo brutaal dat de 14e dalai lama en zijn "regering" in ballingschap zich vrij snel verplicht zagen om zich er van te distantiëren. Tal van buitenlandse toeristen getuigden allen in dezelfde zin: brandstichting, stenigen of verbranden van mensen en ze met ijzeren staven en messen bewerken. Tweeëntwintig doden en meer dan 300 gewonden, bijna uitsluitend Hui en Han, een raciale raid[1]. Serge Lachapelle, een toerist van Montreal, getuigt: "De moslimwijk is volledig vernield, geen enkele winkel bleef er overeind."[2]  Al op dinsdag 18 maart verklaarde de 14e dalai lama in een persconferentie dat "de gebeurtenissen in Tibet aan zijn controle ontsnapten en dat hij zelfs zou aftreden indien het geweld voortduurt. Het geweld betekent zelfmoord ".[3] En Thubten Samphel, secretaris voor informatie en internationale relaties van de Tibetaanse "regering" in ballingschap, had slechts één woord tegenover de verslagen van de buitenlandse toeristen: "tragisch".[4]

Nochtans, bij het uitbreken van de onlusten, had de 14e dalai lama zelf, de Tibetaanse "regering" in ballingschap en het wereldnetwerk van "Tibet Support" groepen de internationale publieke opinie te verstaan gegeven dat "het Chinese leger brutaal op een vreedzame betoging ingeschoten had."  De 14e dalai lama riep de Chinese overheid op om "geen geweld te gebruiken." Dit is blijven hangen bij het overgrote deel van de wereldopinie. Diezelfde paar tientallen buitenlandse getuigen kwamen echter in de pers met een ander verhaal: de politie en het leger zijn zo gecontroleerd opgetreden tegenover de "het compleet uitzinnig geweld" (de woorden van een Zweedse toerist), dat hen geen enkele dode kan verweten worden.

De Chinese overheid spreekt van een voorbereide en georganiseerde opstand. Op 10 maart werd door de 14e dalai lama, zijn "regering" en zijn steungroepen de opstand in Lhasa van 1959 herdacht. Voor de Tibetanen in het buitenland is dat hun "nationale feestdag" geworden. Op die datum vertrok uit India een "mars op Tibet", georganiseerd door het nieuw opgerichte "Tibetan People's Uprising Movement"[5], een kaderorganisatie waarin ongeveer alle groepen van het Tibetaanse "parlement" in ballingschap aan deelnemen: de NDP (New Democratic Party), de jeugdbond (TYC) en de vrouwenbond.  "Uprising" is moeilijk anders te vertalen dan "opstand". 10 maart was het signaal voor de opstand, wereldwijd aangemoedigd door kleine betogingen voor de Chinese ambassades (o.m. in Brussel). In de Tibetaanse gebieden in China circuleerden pamfletten, die opriepen tot betogen voor onafhankelijkheid.[6] Driehonderd monniken van het Drepung klooster in Lhasa hielden op 10 maart een bitsige nog geweldloze betoging in het centrum van Lhasa, maar de politie kon hen zonder geweld doen ophouden. Zoals we weten is dit op 14 maart anders uitgevallen. De afzonderlijk opererende groepen Tibetanen, die in de hoofdstad vernielend rondtrokken, waren volgens de ooggetuigen allen gelijkaardig "bewapend": stokken, ijzeren staven, rugzakken met stenen, brandbommen, lange messen of zwaarden. Het gevolg is gekend.

Binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland is een sterke stroming aanwezig die genoeg heeft van de "zachte" aanpak van de 14e dalai lama. Zij concentreren zich in het "Tibetan Youth Congres", de "jeugdbond", meestal dertigers. Eén van de vijf basistellingen van hu programma luidt: "strijden voor de totale onafhankelijkheid van Tibet, zelfs als dit levens moet kosten."[7] Hun voorzitter, Rigzin, lost in een interview: "Ik roep de Tibetanen op om hun betogingen verder te zetten tot China Tibet verlaat."[8] De 14e dalai lama roept op om de "mars op Tibet" (die moet normaal zes maanden duren tot aan het begin van de Olympische Spelen in Beijing)  te staken en bestempelt die als "ondoeltreffend", maar Rigzin, daarmee geconfronteerd, antwoordt kort: "Neen!".[9] Waarop de 14e dalai lama dan weer zegt: "stop met het geweld en de oproep voor onafhankelijkheid, anders verliezen wij de steun van de USA."[10]

Op 21 maart is dan "toevallig" nummer drie van de USA, de voorzitster van het Amerikaanse Congres Nancy Pelosi, op bezoek bij de 14e dalai lama in Dharamsala in India. Zij noemt de situatie in Tibet "een uitdaging voor het wereldgeweten" en eist van China de toestemming om een "internationale onafhankelijke onderzoekscommissie" in Tibet toe te laten, om na te gaan of de beschuldiging van Beijing dat "de dalai lama kliek achter de onlusten zit" wel waar is en om toe te zien op de "behandeling van aangehouden betogers".[11] Dat is één spoor dat de USA volgen: China proberen te dwingen inspectieteams rond de "Mensenrechten" toe te laten, of kunnen zeggen dat China die weigert. In dezelfde zin ligt de oproep van de 14e dalai lama, die in zijn toespraak van 10 maart (alweer, nationale opstandherdenking) China in zijn geheel aanmaant om "transparanter" te worden.[12] Dat doet aan de "glassnost" denken, die de verbrokkeling van de USSR inluidde. Duitsland sluit zich al aan bij de eis voor "transparantie" bij monde van zijn minister van Buitenlandse Zaken: "De federale regering van Duistland zegt aan de Chinese regering: wees tranparant!"[13]

Eisen voor "transparantie" kunnen aan kracht winnen wanneer het intern verzet in de Tibetaanse gebieden groter is. Onlusten zijn minder welgekomen voor het vreedzaam aureool van de 14e dalai lama, maar kunnen misschien nu iets sneller de strategie van de USA dienen. De kaart van de "dictatoriale repressie" is voor hen gunstig om een wereldwijd protest rond de Olympische Spelen te bekomen. Daarvoor hebben zij een aantal "strijders" nodig, want die lokken de repressie uit. Het gaat voor de USA niet om Tibet, dat schreven zij al in 1949, het gaat om China.[14]  De tendens binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland die gewelddadig verzet voorstaat neemt toe. Wanneer de 14e dalai lama zegt "pas op of WIJ verliezen de steun van de USA", kan dit mogelijks betekenen: "verlies IK de steun van de USA, met mijn gematigde vreedzame koers". Komen de USA stilaan terug naar hun strategie van de jaren '60, toen zij volop guerrilla-activiteiten in Tibet steunden met wapens en geld? Dat is redelijk waarschijnlijk. Nancy Pelosi van de USA wil de 14e dalai lama daarbuiten houden, vandaar haar bericht aan het adres van Beijing: die man zit er voor niets tussen. Maar zij heeft geen woord over voor het betreuren van de slachtoffers van de etnische onlusten. Met andere woorden, het komt hen goed uit. En wanneer iets "goed uitkomt" voor de USA, dan hangt daar geld aan de paasklok. Nancy Pelosi uit in elk geval haar tevredenheid met de huidige toestand: "Dank om hier de Amerikaanse vlag te laten wapperen. Dat is meer dan wat we ooit konden dromen", in haar toespraak in Dharamsala op 21 maart.[15]

Dat er honderden Tibetanen zich in het geweld lieten meegaan heeft natuurlijk niet enkel een externe reden. De externe reden mag dan wel het startsein, de ophitser en de sponsor zijn, maar zonder voedingsbodem haalt die niets uit. Er zijn veel Tibetanen die de vruchten van de vooruitgang in China meepikten, maar er zijn ook Tibetaanse armen in de steden, zoals er Chinese armen zijn. Er zijn jonge werklozen, ongeacht hun etnische groep. Het is ook waar dat "le savoir faire", de moderne kennis laat ons zeggen, in Tibet aankomt via de Han Chinezen. En dat de "high-tech" winkels door Han gerund worden. China antwoordt daarop: "dat kan alleen maar goed zijn voor de uitwisseling". Maar het is te begrijpen dat delen van de Tibetanen zich wat voorbijgesneld voelen. Bovendien is de aanwezigheid van de Han Chinezen niet massaal zoals de 14e dalai lama het verkondigt, maar dat is nog een andere kwestie. Ten slotte zijn er ook de kloosters, nog steeds machtig. Zij zien het eeuwenoude onderwijs aan hen ontsnappen. Buiten de kloosters was er in het oude Tibet geen onderwijs. Het gaat hier tevens om een "gevecht" tussen lekenonderwijs en religieus onderwijs. Getuige daarvan zijn de talrijke publieke scholen die in brand gestoken werden.  Het ergste is echter het verdrijven van alle "niet-Tibetanen" uit een regio die één vierde van China beslaat en die nooit in die omvang door dalai lama's bestuurd werd en ook nooit door enkel Tibetanen bewoond was: Groot Tibet. Maar ook "Groot Tibet" is nog een ander verhaal. Al in zijn toespraak in 1987 (net voor zijn Nobelprijs) voor het Amerikaanse Congres zei de 14e dalai lama: "7,5 miljoen Chinese kolonisten zijn in Tibet toegekomen. Opdat de Tibetanen zouden kunnen overleven als volk, moet deze transfer absoluut stoppen en moeten de kolonisten terug naar China gestuurd worden."[16] Daarna bespeelde hij in interviews dikwijls hetzelfde thema: "de Tibetanen zijn in de minderheid in eigen land".

jpdesimpelaere

[1] Getuigenissen o.m. in International Herald Tribune, The Times (London), Toronto Star (Canada), ARD TV (Duitsland), Agence France Presse, The Independant (London), TIME-CNN (USA), The Strait Times (Singapore), South Morning Herald (Australië), De Volkskrant (Nederland), Le Parisien (Frankrijk), BBC (London). Gelijkaardige getuigenissen bij Xinhua (China).

[2] AFP, Hongkong, 19 maart.

[3] The Independent en The New York Times, beiden op 19 maart.

[4] AFP, 19 maart, Dharamsala, India.

[5] Zie hun website onder die naam.

[6] Xinhua, 19 maart. Tot op heden nog niet getoond aan de wereldpers.

[7] website TYC.

[8] AFP, 17 maart 2008.

[9] Time.com, 18 maart.

[10] New York Times, 19 maart.

[11] BBC-news, Asia-Pacific, 21/03/08 en CNN.com 22 maart.

[12] "statement of HH the Dalai lama on the 49th Tibetan Nationa Uprising Day », persoonlijke website 14e dalai lama

[13] Associated Press, 21 maart

[14] Een rapport van het staatsdepartement voor het verre Oosten: "Indien Tibet weerstand kan bieden tegen het communisme, dan is het in ons belang om het te erkennen als onafhankelijk land in plaats van het te blijven beschouwen als deel van China. (...) Het erkennen van Tibet als onafhankelijk land is voor ons niet de echte kwestie. Waar het om gaat is onze houding tegenover China." Foreign Relations of US, 693.0031, 12/4/1949, Wisconsin digital library.

[15] International Herald Tribune, 21 maart

[16] « Plan de paix en 5 points pour le Tibet », 21/9/87 voor het Amerikaans Congres.

19:07 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, china, dalai lama, usa, opstand, mensenrechten