04-02-09

"bio" groenten in serres

Tussen Gyangze en Xigaze zijn er redelijk wat serres te zien. Dat is recent, tien jaar geleden zag ik er geen enkele langs die weg. We stoppen bij een groot complex van serres. Het geheel is ommuurd en aan de straatkant is er een metalen poort met een hangslot. Door een kijkspleet zien we in de verte enkele mensen bedrijvig. Dan maar met een steen hard op de poort tikken, maar er komt niemand aanhollen. Vanuit het dorp verderop is er ondertussen een meisje ook bij de poort komen staan, schijnbaar met een boodschappenmandje voor iemand binnenin. Zij laat ons kloppen en verraadt geen ander middel om binnen te geraken. Tot wij haar overtuigen om haar over de poort te tillen en de chef te gaan verwittigen, wat gebeurt. Een vriendelijke boer komt ons enkele minuten later tegemoet gewandeld. Hij is de gerant van de serres. Er staan er 300, in 2001 door de administratie voor landbouw van het district Xigaze gebouwd op een terrein van 2,5 hectare. Het zijn primitieve serres die weinig gekost hebben: de noordwand en de zijwanden zijn muren van ter plaatse gebakken kleistenen en een plastiek zeil daalt zuidwaarts in bolvorm af tot op de grond. Door alle serres lopen irrigatiekanaaltjes. Voor de koude nachten zijn er stoffen dekens voorzien, die de plastiekwand kunnen afdekken. De overheid installeerde dit complex gratis.

Wie werkt er? De Tibetanen van het dorp op wiens grond de serres gebouwd werden. Momenteel zijn ze met 30 personen. Voor hen werd gratis opleiding voorzien in de serres van Lhasa, om er het ‘groentevak’ te leren. Eerst was er een proefperiode van twee jaar, tijdens welke de meewerkende landbouwers een minimuminkomen van 500 euro per jaar gegarandeerd kregen. Daarna werd een gerant gekozen en werd de zaak per contract overgedragen, voortaan moeten de landbouwers zelf instaan voor productie, commercialisering en onderhoud. Dat werkt al redelijk, want jaarlijks kan er per medewerker minstens 700 euro uitbetaald worden, beduidend meer dan voor landbouwers die enkel van gerst en dieren leven. Aan de staat moeten zij niets afdragen. De betaling per persoon bevat een deel dat in verhouding staat tot de ingebrachte landoppervlakte, het loon is dus een combinatie van werkuren en ingebracht land. Er is werk het gehele jaar door voor de 30 medewerkers. Volgend jaar neemt de gerant er nog enkele bij en is van plan om een deel van zijn mensen naar het binnenland van China te sturen voor verdere opleiding. Wat groeit er zoal in hun serres? We zien er tomaten, paprika’s, aubergines in wording, meloenen, pompoenen en kolen. “Met groenten hebben wij cash geld het gehele jaar door, terwijl met onze vroegere gerstproductie dit slechts één keer per jaar was,” zo vertrouwt de gerant ons nog toe. Voor hem was het een overtuigend aspect. Wat doen ze met ziektes van de planten? “Als Tibetanen dragen wij goed zorg voor de planten, zij worden niet ziek,” antwoordt de gerant, “wij roteren de groenten van serre tot serre, met enkele jaren tussen twee identieke aanplantingen. Wij gebruiken geen bestrijdingsmiddelen en wij wieden met de hand. Als meststof gebruiken we dierlijke mest.” Zonder het woord “bio” tien maal op de lippen te hebben, is hij het toch. De “commune” – want zo noemt de gerant de zaak – bezit ook nog velden voor gerst, op wat overbleef van hun dorpsgronden na de bouw van de serres.

Stilaan is Tibet op weg om zichzelf een gevarieerde groenteschotel aan te bieden het gehele jaar door. Rond Lhasa, de grootste agglomeratie met toch een half miljoen inwoners, zijn nu ongeveer 3.700 ha ingenomen door bio-serres.[1] Een landbouwwerkster in een tomatenserre zei me dat ze vorig jaar bij benadering 2.000 euro verdiend had. Sommige serres zijn afgehuurd door Han Chinezen. Boer Liu heeft er vijftien en hij kweekt er uitsluitend bloemen. Zijn afzetmarkt zijn ondermeer de parken van Lhasa. Hij heeft vijf Tibetaanse werkers in dienst, die hij 100 euro per maand betaalt. “Eens zij het vak kennen, ben ik hier weg,” vertelt Liu, “dan concurreren zij mij toch de markt uit.”


[1] Interview Nyima Tashi, landbouwdeskundige van het arrondissement Lhasa, november 2008.

serrepark gyangze-xigaze

 

15:01 Gepost door infortibet in landbouw | Permalink | Commentaren (0) | Tags: groenten, ecologie, diversificatie