25-06-07

landeigendom in Tibet

Emily T.Yeh, een aardrijkskundige van de universiteit van Colorado (USA), maakte recent een studie over de grondeigendom in Tibet (published in Conservation and Society. 2,1, 2004. Sage Publications New Delhi/Thousand Oaks/London). Zij geeft openlijk steun in de USA aan de onafhankelijkheidsbeweging rond de dalai lama. Maar zij deed concreet veldonderzoek in Tibet. Enkele opmerkelijke citaten uit haar studie:

* land werd niet ten volle geprivatiseerd zoals in Oost-Europa het geval was. Het is veeleer verhuren via een contract.

* verantwoordelijken voor districten en departementen roteren regelmatig. Dorpshoofden niet, die blijven dicht bij de lokale bevolking gedurende hun mandaat.

* Chinese boeren sturen brieven en petities naar hogere politieke instanties om lokale corrupte kaders aan te klagen. Tibetaanse boeren hebben die gewoonte nog niet.

* Alle functionarissen van kleine steden waren Tibetanen tot voor kort. De laatste jaren heeft de centrale regering er opnieuw een minderheid aan Han kaders aan toegevoegd.

* het contractsysteem voor de boeren en veehouders in Tibet is soepeler qua termijn dan in de rest van China. Veestapel en land worden aan gezinnen toegekend voor onbepaalde duur, “for the long term” zoals dat heet. In de rest van China is dit voor een bepaalde tijd. Wel gelijkaardig als in de rest van China zijn de quota. Een afgesproken deel van de productie wordt aan de staat verkocht, over het surplus beschikken de families vrijuit.

* in het departement Nagqu is er zelfs nog een district dat de oude communestructuur behield, omdat die er goed werkte.

* in de landbouwregio rond Lhasa betreuren de boeren het wegvallen van de “onderlinge hulp teams”, zoals die waren ingesteld in 1959. Boeren werkten samen en verdeelden de opbrengst volgens inbreng van elk zijn middelen.

* Wanneer boeren of veehouders ophouden en een job in de stad zoeken keren de gronden die ze beheerden terug naar de collectiviteit. Er worden collectieve taken uitgedeeld. De boeren zien liever een herverkaveling. Maar de bureaucratie is zeer traag, men zit ongeveer nog op het toewijssysteem van 1984, zonder nieuwe verkaveling.

* de Tibetaanse lokale overheden voorzien acht collectieve taken voor de dorpsbewoners: aankopen van zaad, meststoffen, pesticiden, landbeheer, het zaaien, oogsten, dorsen, ploegen en irrigeren. Daarnaast twee individuele rechten: verdeling van de oogst en het veevoer in verhouding tot de eigen beheerde landoppervlakte.

* landonteigening voor projecten of gebouwen is eigenlijk geen echte onteigening, gezien de boeren geen eigenaar van de grond zijn. De Tibetaanse dorpshoofden laten zich gemakkelijk overhalen door de belofte van economische vooruitgang. In de omgeving van Lhasa gebeurt de inbeslagname van land al te dikwijls voor het bouwen van een mooi huis door de talrijk geworden Tibetaanse middenklasse.

* de Wereld Voedsel Organisatie sponsorde een landonteigening in de buurt van Lhasa om er serres te bouwen en te verhuren aan Tibetaanse boeren. Maar er was gebrek aan startkapitaal, aan kennis of aan boeren. Uiteindelijk werden de serres voor drie vierden verhuurd aan ingeweken Han boeren.

* landbeheer is geen privé-kwestie geworden in Tibet, het blijft een politieke zaak.

* Tibetaanse partijkaders in de dorpen vertellen je steevast dat de grond aan de partij toebehoort. Pas op districtniveau vind je Tibetaanse kaders, die spreken van “collectief beheerde grond”.

een huis, een veld

een huis, een veld

 

21:52 Gepost door infortibet in landbouw | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, landbouw, eigendom, bestuur, collectief, autonomie