13-03-11

De dalai lama en drie soorten pensioen

In zijn jaarlijkse toespraak op 10 maart[1] vraagt de dalai lama aan zijn ‘parlement in ballingschap’ om zijn statuut van ’staatshoofd’ door te geven aan een te verkiezen opvolger. De dalai lama (76j) zegt dat hij op pensioen wil gaan. Van welke activiteit wil hij afstand nemen? Hij zegt: “Aan de komende zitting van het ‘Tibetaans parlement in ballingschap’ zal ik schriftelijk vragen om het ‘Charter van de Tibetanen in ballingschap’ te amenderen zodanig dat een leider kan verkozen worden aan wie ik mijn formele autoriteit kan overdragen.”

Volgens het ‘Charter van de Tibetanen in ballingschap’, een soort ‘grondwet’[2], die opgesteld werd in 1991 en nog steeds van kracht, is beschikt de dalai lama over uitgebreide politieke bevoegdheden.[3] Hij is het ‘staatshoofd’; hij kan ‘ministers’ afzetten of benoemen; hij kan eigen wetten uitvaardigen; de volledige uitvoerende macht ligt bij hem; hij keurt de rekeningen goed; hij kan op eigen initiatief mensen benoemen in de administratie en heeft nog een aantal andere kleinere bevoegdheden.[4]

Zijn mogelijk ‘pensioen’ betreft dus zijn politieke macht en niet zijn religieuze positie.

Een pensioen geduwd door eigen rangen?

In november 2008 herbevestigde een buitengewoon congres van de Tibetaanse bannelingen de absolute macht van de dalai lama.[5] In de slotresolutie van de bijeenkomst staat: “wij vragen met aandrang aan de dalai lama om niet op pensioen noch op semi-pensioen te gaan en door te gaan met het leiden van het Tibetaanse volk”.

Toch rommelt er wat in de rangen van de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland. Dit uitzonderlijk ‘congres’ van november 2008 was er gekomen omdat er onenigheid was over de te volgen weg na de onlusten in Lhasa van maart 2008. Delen van de Tibetaanse gemeenschap wilden geweld niet langer uitsluiten en de roep naar ‘onafhankelijkheid’ in plaats van de ’verregaande autonomie’ volgens de dalai lama, kon publiek gehoord worden in Dharamsala. De dalai lama kreeg dus af te rekenen met interne kritiek. Toen, in 2008, waren zijn woorden: “ik ga met pensioen” eerder een licht chantagemiddel om de eenheid in de rangen terug te brengen. Althans formeel of tijdelijk, want de grootste organisatie onder de bannelingen – het TYC, Tibetan Youth Congres - is nog steeds openlijk voor onafhankelijkheid en sluit het gebruik van geweld niet uit.

Ook een eigenmachtig en autoritair ingrijpen door de dalai lama op religieus gebied werd hem niet in dank afgenomen. Hij vaardigde op 6 juni 1996 een verbod uit op het vereren van de godheid Shugden.[6] Een religieuze culturele revolutie volgde, groepen beeldenstormers werden uitgestuurd naar alle tempels in India om beeltenissen van Shugden weg te halen.

In eigen rangen is bovendien wel wat kritiek op het ondemocratisch gehalte van de ‘regering’ en het ‘parlement’ in ballingschap. Het ‘parlement’ telt 43 leden, van wie er minimum 10 geestelijken moeten zijn. Het huidige ‘parlement’ kwam de laatste vijf jaar slechts tweemaal per jaar samen. De ‘ministerraad’ telt acht leden, van wie er één verkozen is – de ‘eerste minister’ – en de zeven andere aangeduid zijn door de dalai lama. Drie van de ministers zijn geestelijken en twee andere zijn familieleden van de dalai lama.[7]

Een Tibetaanse ballingenkrant (“The independant”) publiceerde einde 1995 een cartoon met als titel “de huidige toestand van de Tibetaanse democratie”. Daarop was een gebouw te zien met drie pilaren: “wetgevend, juridisch en uitvoerend”. De pilaar “wetgevend” steunde het dak, maar kwam niet tot aan de grond. De pilaar “juridisch” stond op de grond maar kwam niet tot aan het dak. Enkel de “uitvoerende” steunde het dak en stond op de grond. De commentaar was: “In de huidige Tibetaanse regering in ballingschap is er geen controlerend orgaan. Al het werk is enkel gericht op het voldoen van de wensen van de dalai lama. Wat is dat voor een democratie?”[8]

Een symbolisch pensioen?

Plots afstappen van een vrij absolute macht binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland naar een teruggetrokken monnikenleven zal het niet worden. De dalai lama zegt het zelf in zijn toespraak van 10 maart: “ik wil mijn verantwoordelijkheid niet ontlopen (…) ik wil mijn deel doen voor de rechtvaardige zaak van Tibet (…) ik hoop dat de mensen geleidelijk aan mijn intentie zullen begrijpen” (cursief door mij). Merk ook op dat de dalai lama niet vraagt aan de komende ‘parlementszitting’ om al een leider te verkiezen (zie inleiding). Hij vraagt enkel om de ‘grondwet’ aan te passen, die het mogelijk moet maken in een niet nader genoemde toekomst om “een leider te kiezen”.

Alles heeft natuurlijk te maken met zijn opvolging, zowel politiek als religieus. Meestal, in interviews, maakt de dalai lama geen onderscheid tussen beiden. Hij zal er ook over waken wie het wordt en hoe.  

“Indien het Tibetaanse volk een nieuwe reïncarnatie wil, dan moet die in staat zijn de taken af te werken die deze dalai lama niet heeft kunnen vervolledigen. Dat betekent dat hij moet komen uit een vrij land.”[9]

De “af te werken taak” is natuurlijk ‘Groot-Tibet’ losweken van China. Binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland is momenteel geen enkele nieuwe figuur in staat om met evenveel charisma de wereld rond te reizen om massale religieus-filosofische sessies voor te zitten en om de politieke boodschap van de afsplitsing uit te dragen. Er wordt gespeculeerd op de jonge 17e karmapa als opvolger. Dat lijkt me niet zo waarschijnlijk, gezien er twee rivaliserende 17e karmapa’s zijn. Eén zit min of meer onder de vleugels van de dalai lama, de andere niet. Maar die tweede heeft veel meer aanhang in het Westen dan de eerste. Bovendien behoren de karmapa’s tot een andere boeddhismeschool dan die van de dalai lama. Er was bloedige rivaliteit tussen de twee scholen, tot in de 19e eeuw. Daar blijven nog spanningen van over.[10]

Het ziet er dus naar uit dat het “pensioen” van de dalai lama nog niet zo direct effectief zal zijn.  

Wel “pensioen voor de Chinese Communistische Partij”!

De 14e dalai lama veroorlooft zich politieke uitspraken, die weinig kerkelijke figuren hem nadoen. In 2009 tijdens een rondreis in de USA werd voor hem op 5 mei een bijeenkomst van 120 bekende Chinese dissidenten georganiseerd in een luxehotel in New York. Hij gaf zijn Chinese toehoorders geen “inleiding tot het boeddhisme”, maar sprak zijn steun uit aan hun streven om de Chinese Communistische Partij (CCP) van de macht te verdrijven. “De CCP heeft lang genoeg geregeerd. De tijd is gekomen dat ze op pensioen moet gaan,” zo zei de 14e dalai lama.[11]

Hij pleit dus voor een verandering van regime in geheel China. Dit thema komt meer op de voorgrond tijdens zijn toespraken en interviews van de laatste jaren. 

In een interview met “Le Nouvel Observateur” van 17 januari 2007 zei hij al:

“het actuele Chinese regime is radicaal materialistisch en communistisch. Dat is belachelijk.”

En uit een toespraak van de dalai lama tijdens een hoorzitting van de Franse senaat, in augustus 2008, volop tijdens de periode van de Olympische Spelen in Beijing:

“Ik benadruk dat China, nu het zich integreert in de internationale markt, beter de idealen van de democratie zou omhelzen. (…) De internationale gemeenschap heeft geen enkele reden om zich te laten pesten door het Chinese communistische regime. Hier in het Westen heerst fundamentele vrijheid. Daarom is het belangrijk dat jullie de kant kiezen van volkeren, die nog niet van die vrijheid genieten.”

Er zijn tientallen voorbeelden opsombaar.

Probeer dan even dit scenario te volgen:

* Einde januari 2010 stuurt de dalai lama twee vertegenwoordigers naar Beijing om er met de Chinese Communistische Partij (CCP) te onderhandelen over het statuut van Tibet.

* Op 18 februari laat hij zich publiek ontvangen door Obama.

* Twee dagen later laat hij zich een medaille "Democracy Service Medal" geven door het 'National Endowment for Democracy' (NED), een neefje van de CIA.

* Tijdens die ceremonie, waar hij die medaille ontvangt, zegt hij: "De Chinese Communistische Partij zou beter op pensioen gaan". (AFP).

Drie vaststellingen:

* Hij 'onderhandelt' met een instantie (CCP), die hij eigenlijk niet meer wil.

* Hij provoceert zijn Chinese onderhandelingspartners door te tonen dat hij gesteund wordt door Obama.

* Hij heeft het niet over Tibet, maar over een machtswissel in Beijing. 

Zhu Weiqun, vicedirecteur van de ‘Eenheidsfrontafdeling’ van de Chinese Communistische Partij antwoordt in dezelfde zin tijdens een interview met het Duitse magazine ‘Focus’, 22 september 2009 :

“Indien de dalai lama zijn internationale kruistocht tegen China stopt, dan kunnen we praten over zijn terugkeer. Tijdens zijn bezoeken aan hoge leiders van landen doet hij niets anders dan de relaties van die landen met China verstoren. Dat zijn politieke interventies, geen religieuze. Tegenover de ‘Deutsche Welle’ zei hij op 2 augustus dat “de Chinese Communistische Partij beter op pensioen zou gaan”. Dat lijkt mij geen religieus discours. Hoe kan dat samengaan: hij wil praten met ons maar tegelijk zegt hij dat we met pensioen moeten gaan. Praten is geen show. Dergelijke stellingen zijn volgens mij ingegeven door de kringen in zijn directe omgeving, buitenlandse mogendheden incluis, sponsoring inbegrepen. Een bepaald land, dat ik niet wil noemen, heeft hem dit jaar 16,75 miljoen dollar steun bezorgd. Die steun heeft de dalai lama sinds lang in een val gelokt.”

Het land dat Zhu “niet wil noemen” is wel publiek gekend. Het Amerikaanse Congres voorzag voor 2010 een bedrag van ongeveer 15 miljoen dollar voor de organisaties rond de dalai lama.[12] Dit is publieke en directe staatsteun vanwege de VS. Daarbovenop zijn er nog tal van semiofficiële NGO’s  en ‘Stichtingen’, die geld doorschuiven.

De Europese commissie van haar kant stelt jaarlijks 1 miljoen euro ter beschikking[13]

Wat betreft de religieuze opvolging van de dalai lama, is de stelling van de Tibetaanse autoriteiten en geestelijken in Tibet zelf duidelijk. “De historische regels voor het zoeken van een reïncarnatie van een hoge geestelijke kunnen niet veranderd worden vanuit de wil van één persoon, die het bovendien om politieke motieven doet,” zo zei Shinza-Tenzin Choeta, zelf een reïncarnatie, sinds 1955, als abt van het Shinza klooster in Lhoka, Zuid-Tibet, en vicevoorzitter van het regionale parlement van Tibet.[14]

De dalai lama van zijn kant heeft al tal van mogelijke versies laten kennen: “na mij stopt het reïncarnatiesysteem (…) ik duid een volwassen reïncarnatie aan (…) een referendum onder de Tibetanen moet uitwijzen of ze na mij nog een reïncarnatie willen (…) een reïncarnatie onder Chinese voogdij zal een valse zijn (…) een reïncarnatie na mij kan een man met blond haar zijn of zelfs een vrouw (…) “wij houden een gesloten conclaaf zoals de katholieken een nieuwe paus kiezen” en nog andere varianten.

Shinza-Tenzin Choeta: “de dalai lama overtrad het boeddhistisch geloof door te spreken over hemzelf na zijn dood. Dat doen de hoge geestelijken niet.”


[1] Herdenkingsdatum van het begin van een gewapende opstand in Lhasa in 1959, die na enkele dagen mislukte en leidde tot het vertrek van de dalai lama naar Indië. 10 maart wordt door de gevluchte opstandelingen de ‘national uprising day’ genoemd. Met die slogan zijn er jaarlijks betogingen op 10 maart in verschillende wereldsteden door verdedigers van de onafhankelijkheid van Tibet.

[2] Voor de 120.000 Tibetanen in het buitenland, maar tegelijk bedoeld als voorontwerp van een grondwet voor een ‘Vrij Tibet’.

[4] Bijkomende noot: in het "Charter of Tibetans in Exile" staat onder artikel 8 gedefinieerd wie aanspraak kan maken op het Tibetaanse staatsburgerschap. Het hoofdcriterium is etnisch: ben je een Tibetaan, dan ben je een Tibetaanse burger. Dat betekent dat de geëiste "autonomie" een “apart” burgerschap wil instellen in China. Er staat ook in dat bij gemengde huwelijken de niet-Tibetaan van het koppel een verzoek moet indienen om zich te laten naturaliseren. Zo zijn er al enkele duizenden in Tibet. De regels om aanvaard te worden als "Tibetaan" bestaan nog niet, die moeten "later" door het "autonome regime" bepaald worden, zo staat in het charter.

[5] Zie website CTA (Central Tibetan Administration), de ‘regering’ in ballingschap.

[6] Zie persoonlijke website van de dalai lama en ook een uitzending op France-Antenne2 van 9 oktober 2008.

[7] Een schoonbroer en de 2e vrouw van een andere schoonbroer.

[8] Agence de presse Xinhua, 29/12/2008

[9] interview met Amitabh Pal, verschenen in MO-magazine, mei 2006

[11] Asia Times Online 21/5/09 en Voice of America 30/4/09

[12] Website ‘international Campaign for Tibet’, ‘Tibet appropriations’, FY 2010

[13] resolutie Tibet van het Europees Parlement, 25/11/2010.

[14] China Tibet Online, 9/3/2010.

19:00 Gepost door infortibet in dalai lama | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, china, lama, geweld, karmapa, usa

05-10-09

Boeddhisme en geweld

De huidige 14e dalai lama ziet die twee samen wel zitten. Tijdens een spreekbeurt voor de studenten van de Harvard’s John F. Kennedy School of Government in de USA op 10 september 1995, formuleerde hij het zo:

“Vanuit een boeddhistisch standpunt zijn het resultaat en de motivering belangrijker dan de methode. Tijdens de jaren van het (gewapend) Tibetaanse verzet tegen China, was de methode ‘doden’, echter de motivering was ‘compassie’. Dat verantwoordde het gebruik van geweld.”

 

Opgetekend door John Kenneth Knaus in “Orphans of the Cold War, America and the Tibetan Struggle for Survival”, pag 313, uitgv. Public Affairs, New York, 1999. Kenneth Knaus was verantwoordelijk voor de CIA-operaties in Tibet tijdens de verzetsperiode (1955-1974).

10:20 Gepost door infortibet in dalai lama | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, cia, geweld, boeddhisme, compassie

14-03-09

een kleine mediaoorlog over de Tibetaanse opstand van 1959

Er loopt een tentoonstelling over Tibet, “oud en nieuw”, in Beijing. Een glazen kast toont wapens die de Tibetaanse rebellen in 1959 gebruikten (o.a. een Amerikaans “Thompson” machinegeweer en een Engelse “Bren”). Het onderschrift in het Chinees en het Engels vermeldt de naam van het wapen en het feit dat het wapens van de Tibetaanse opstandelingen waren. Het Franse persagentschap AFP nam er een foto van en stuurde die de wereld in met het onderschrift: “Een voorbeeld van wapens die de Chinezen gebruikten tegen de Tibetaanse opstand in 1959.” Het omgekeerde dus. De directeur van de tentoonstelling en het Chinese Ministerie van Buitenlandse Zaken eisen een publieke rechtzetting van AFP.  (Xinhua 14 maart)

PS: Op 19 maart heeft AFP het onderschrift al laten wijzigen.

17:02 Gepost door infortibet in geschiedenis 20e eeuw | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, geweld, china, pers

13-03-09

Waar het allemaal begon: de opstand van 10 maart 1959 in Lhasa

Wang Qixiu, een nog levende ooggetuige van de opstand op 10 maart 1959 in Lhasa en die er toen in het postkantoor werkte, deed zijn verhaal aan china.org.cn, vertaald door NTIS[1]. Enkele uittreksels:

“Het leger kwam pas in actie na 10 dagen onlusten, op 20 maart, toen de rebellen het legerkamp aanvielen. De rebellen hadden voordien al het Potala paleis, het winterpaleis Norbulingka en de tempels Ramoche en Jokhang bezet.

Zij waren met tien tot twintigduizend[2] en beschikten over 10.000 geweren, 180 machinegeweren en 40 mortieren. Het Chinese leger bestond slechts uit 12 regimenten, totaal 1000 man. Op 22 maart hadden alle rebellen zich al overgegeven. 5300 rebellen werden gedood in de gevechten.

De 14e dalai lama vertrok al uit Lhasa de avond van 17 maart 1959. Mao gaf opdracht aan zijn generaal in Lhasa om hem niet te achtervolgen.”

 

Bij Mikel Dunham[3] vinden we getuigenissen van ex-rebellen. De versie van de feiten is vrij gelijklopend met hierboven:

“Bij zijn vertrek uit Lhasa op 17 maart was de dalai lama van plan om een tijdelijk hoofdkwartier te kiezen in de rebellenbasis van Lhuntse Dzong (een klein fort op 100 km van de Indische grens). Hij kwam er aan op 27 maart, maar onderweg al, op 24 maart, had hij het bericht gekregen dat de opstand mislukt was. Hij hoorde het ook op Radio Beijing via de radio van de CIA-officier, die hem begeleidde. Dat deed hem beslissen om in ballingschap te gaan. De 14e dalai lama benoemde nog de rebellenleider Gompo Tashi tot ‘generaal’ en op 31 maart overschreed hij de grens met India.” De nu gepensioneerde rebellen spreken over “15.000 doden en gewonden samen”.

 

Zo vertellen het ook Kenneth Conboy en James Morrison,[4] op basis van getuigenissen van toenmalige CIA-verbindingofficieren. Deze laatsten vermelden geen dodenaantal.

 

Kort na zijn aankomst in India, in juni 1959, verklaarde 14e dalai lama “dat er 70.000 Tibetanen afgeslacht waren in Lhasa”. Dat zal hij vijf jaar later optrekken tot 87.000 en het ook nog zo schrijven in zijn “memoires”, gepubliceerd in 1990.

 

De CIA schatte de totale toenmalige bevolking van Lhasa op 10.000[5] en noemde de dodencijfers “groteske verzinsels” vanwege de broer van de 14e dalai lama.[6]

Of zoals een Franse website onlangs titelde: “Overdrijven is geen leugen volgens de dalai lama.”



[1] 11/3/09 NTIS, US Dept of Commerce.

[2] De meeste rebellen waren Khampa’s, mensen van West-Sichuan en Oost-Tibet, die naar de hoofdstad afgezakt waren vanaf de zomer van 1958. Zij waren voorzien van wapens voordien al gedropt door de CIA.

[3] “Buddha’s Warriors, the story of de CIA-backed Tibetan Freedom Fighters, the Chinese Invasion and the ultimate fall of Tibet”, Mikel Dunham, met voorwoord van de 14e dalai lama, Tarcher-Penguin New York, 2004, pag 290-304.  

[4] « The CIA’s secret war in Tibet », Conboy en Morrison, Modern War Studies at Kansas University, 2002, pag 90-93

[5] Andere Westerse Tibetkenners van die tijd hebben het over 20.000 inwoners.

[6] Geciteerd in « The making of modern Tibet », Tom Grunfeld, Zed books, London, 1987, pag 129.

17:36 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, opstand, geweld, dalai lama, china, usa, cia

07-03-09

De nieuwjaarsbrieven van de 14e dalai lama

Op 25 januari 2009 schreef de 14e dalai lama een nieuwjaarsboodschap aan “alle Chinezen”, naar aanleiding van het Chinese Nieuwjaar. Op 24 februari schreef hij er een voor “alle Tibetanen”, naar aanleiding van het Tibetaanse Nieuwjaar.[1]

De brieven bevatten geen religieuze boodschap, ook geen filosofische en hebben het niet over hoogstaande spiritualiteit. Het zijn gewoon politieke manifesten, van het begin tot het einde. Geef toe: wij zouden toch een politieke kardinaalsbrief terug naar afzender sturen? Enkele dingen uit de inhoud ter verduidelijking, waarbij diplomatieke taalfinesses ons verplichten om een beetje tussen de regels te lezen. Zo begint zijn nieuwjaarsbrief aan “alle Chinezen” niet met ‘waarde landgenoten’, maar met “onze broers en zusters”, want voor hem is China een ‘ander land’, terwijl hij het in zijn nieuwjaarsbrief aan de Tibetanen over “wij, de Tibetanen” heeft. Nog zo’n ‘diplomatieke taalfinesse’: in zijn brief aan “alle Chinezen” groet hij eerst de Chinezen in het buitenland en dan de Chinezen “in het binnenland”. Waarom? Hier moeten we tussen de regels lezen. De Chinezen ‘in het buitenland’ zijn ‘vrij’ volgens hem, hij heeft er ook vele vrienden, de dissidenten, terwijl de Chinezen ‘in het binnenland’ niet ‘vrij’ zijn. Er is een alliantie tussen de Tibetaanse ex-elite in het buitenland en een resem Chinezen, die in het verleden het socialistisch politiek-economisch systeem in China aanvochten en nu in het buitenland leven. De 14e dalai lama zegt het ook in zijn nieuwjaarsbrief aan “alle Chinezen”, dat die in het “binnenland geen vrijheid van bewustzijn hebben en niet weten wat er in de wereld gebeurt omdat ze BBC en CNN niet kunnen bekijken”. “Ik ben daar ontzaglijk over ontgoocheld,” zo schrijft hij. In zijn brief steunt hij de “opposanten” in China, die “ijveren voor vrijheid, democratie, gerechtigheid, gelijkheid en mensenrechten”. Dat liedje begint ons te vervelen, niet? “Op die mensen kunnen we trots zijn,” zo besluit hij zijn nieuwjaarsbrief. Vertaald wil dit laatste zinnetje zeggen dat hij niet “trots” is op de honderden miljoenen Chinezen die wel hun politiek-economisch systeem verdedigen. Het is dus geen brief aan “alle Chinezen”, slechts een brief aan ‘enkele Chinezen’.

Maar dan de brief aan ‘zijn’ Tibetanen. Vooreerst hemelt hij de onlusten in Lhasa van 14 maart 2008 op als een “heldhaftig verzet”, terwijl we weten, via getuigenissen van toeristen, dat het ging om lynchpartijen en brandstichtingen door enkele bendes Tibetanen. “Ik heb een enorme bewondering voor het enthousiasme, de vastberadenheid en de zelfopoffering van de Tibetanen in Tibet,” is zijn ‘heilige’ aanmoediging. “Maar,” zegt hij “het is moeilijk om ons doel te bereiken door levens op te offeren.” Hij zegt dus niet dat het ‘onmogelijk’ is of ‘uit te sluiten’, neen, enkel "moeilijk", waarbij hij zich wellicht herinnert dat zijn guerrillatroepen in de periode 1956-1974 faalden. In verband met de onlusten in maart 2008 spreekt hij van “honderden doden onder de Tibetanen en duizenden gevangenen en gefolterden”, zonder dat zijn ‘administratie’ duidelijke aanwijzingen kon aanbrengen. De Tibetaanse lokale regering in Lhasa gaf namen vrij van de slachtoffers (19) en van de beschuldigden in de processen (76).

De 14e dalai lama geeft toch één religieuze boodschap mee aan de Tibetanen in Tibet zelf: “Ga voor positieve acties, die de rechtschapen daden van de Tibetaanse martelaren, gevallen tijdens de tragische gebeurtenissen van vorig jaar, kunnen helpen om het nirvana te bereiken.” Hij vult zelf in wat die “positieve acties” kunnen zijn: “De Tibetanen gaan gebukt onder een zo wrede onderdrukking, worden zo fel geteisterd, dat zij geen andere uitweg hebben dan protest.” Dit is een klare oproep aan de Tibetanen, zonder reserves en twee weken voor de verjaardag van de rellen van vorig jaar, om in Lhasa voor herhaling te zorgen van de lynchpartijen en brandstichtingen.

   



[1] De brieven zijn ondermeer te vinden op de website van International Campaign for Tibet en op de persoonlijke website van de 14e dalai lama.

17:52 Gepost door infortibet in dalai lama | Permalink | Commentaren (0) | Tags: rellen, china, democratie, geweld, tibet

09-01-09

Een brief van de 14e dalai lama aan "alle Tibetanen"

In die "boodschap" staan enkele straffe uitspraken.

(tekst te vinden op de persoonlijke website van de dalai lama, onder "news", 14 november 2008)

"Toen ik spirituele en politieke leider was in Tibet heb ik hard gewerkt om een democratie uit te bouwen in Tibet. Jammer genoeg waren wij niet in staat om dat te doen door de wrede repressie vanwege de Volksrepubliek China."

Dat is compleet het tegenovergestelde van wat gebeurde in de jaren vijftig. Het was de Chinese overheid die de Tibetaanse elite aanspoorde om enkele hervormingen door te voeren en ze zelfs niet oplegde. Het feodale systeem mocht bij overeenkomst veranderd worden door... de Tibetaanse elite zelf, zonder verplichting. Maar de toenmalige regering van de 14e dalai lama weigerde om stappen te zetten. "De dalai lama, hoewel hij de heerser was, bleef passief... was niet gemotiveerd om tussenbeide te komen."[1]

 

"De Tibetaanse gemeenschap in ballingschap beschikt nu over een waarachtige moderne democratische structuur, die moet dienen om straks Tibet een stevig en duurzaam bestuur te geven"

Eerst dit: hier zegt hij duidelijk - duidelijker dan in de "onderhandelingstekst" met Beijing - dat het zijn bedoeling is om in een toekomstig "autonoom" Tibet een ander systeem in te voeren dan wat de Chinese grondwet voorziet.

Maar vooral: dat systeem, voorzien in hun charter[2], is een halfklerikaal systeem zonder scheiding van kerk en staat, met de dalai lama als staatshoofd, die bovendien verregaande persoonlijke bevoegdheden behoudt, zoals het eigenhandig voorschrijven van wetten.[3] Ten slotte weten we ook dat de leidende organen van de "Tibetaanse regering in ballingschap" een flinke dosis leden van belangrijke adellijke families bevatten.[4]

 "Alle Tibetanen moeten achter de 'Central Tibetan Administration'[5] staan."

De CTA-mensen vormen geen wettige regering maar zijn ex-opstandelingen die gevlucht zijn. Eisen dat alle Tibetanen die als hun echte vertegenwoordigers erkennen is de opstand blijven prediken binnen Tibet.

"Mijn gematigde weg van 'autonomie' in plaats van 'onafhankelijkheid' heb ik van bij het begin van de jaren zeventig geformuleerd."

In 1987, in een belangrijke toespraak voor het Amerikaanse Congres heeft hij het nog over "onafhankelijkheid".[6]

 "Er zijn geen positieve tekenen noch veranderingen in Tibet."

Bijna alle kaders zijn Tibetanen. Maar vooral de leefomstandigheden zijn enorm verbeterd, ga maar kijken. Zou de levenskwaliteit voor hem "geen teken" zijn? De dalai lama is negen van zijn broers en zusters vergeten die als klein kind stierven.

 "In maart 2008 hebben Tibetanen heldhaftig hun leven geriskeerd op een vreedzame en wettelijke manier."

Terwijl alle Westerse getuigen en ook deels de media het brutaal gewelddadige van de incidenten beschreven en fotografeerden. Deze uitspraak lijkt op "klop er maar op los, ik praat jullie wel goed."



[1] Zie hiervoor o.a. hoofdstuk 15 « Winds of Change » van « A History of Modern Tibet, the calm before the storm, 1951-1955", MC Goldstein, University of California, 2007, pag 399-421.

[2] 1991, www.tibet.com/govt/charter.html

[3] Ibidem.

[4] Zie daarvoor : « Democratie voor mijn familie », infortibet.

[5] CTA= "regering in ballingschap"

[6] Persoonlijke website van de dalai lama, « statements ».

15-11-08

"Mijn middenweg heeft gefaald"

Tijdens zijn bezoek aan Japan begin november 2008, zei de 14e dalai lama op een persconferentie (geciteerd via AFP in "Le Soir" van 4 november) dat zijn vraag naar "meer autonomie" voor Tibet in plaats van "onafhankelijkheid" gefaald heeft. "Mijn vertrouwen in de Chinese regering is steeds kleiner geworden, de repressie in Tibet verhoogt en ik kan niet zeggen dat alles goed gaat. Ik moet toegeven dat we mislukten. Ons plan om veranderingen teweeg te brengen faalde, terwijl op hetzelfde moment de kritiek binnen de Tibetaanse gemeenschap (in ballingschap, nvred) toeneemt." Hij riep de Tibetanen op om "alle opties open te houden". "Alle opties", betekent dat ook "niet vreedzaam ijveren voor onafhankelijkheid"? Daar gaan veel stemmen voor op binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland, dat bedoelt de 14e dalai lama met de "kritiek". En die 'stemmen' zullen dat niet luid verkondigen zonder hun broodheren, voornamelijk de USA, geraadpleegd te hebben. De Chinese regering is bijzonder kwaad dat de 14e dalai lama zich niet openlijk distantieert van de roep naar geweld binnen de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland. Zij noemen dat "woordbreuk", gezien tijdens de onderhandelingen in juli de twee vertegenwoordigers van de 14e dalai lama gezegd hadden dat ze geen probleem hadden met "het uitsluiten van geweld en het niet streven naar onafhankelijkheid" (Xinhua, 11 nov).

In elk geval, de toon is gezet voor de bijeenkomst van 580 afgevaardigden van de Tibetaanse gemeenschap in het buitenland, nu in "volksraadpleging" bijeen in Dharamsala in India, van 17 tot 22 november 2008. De hoogste leider, de 14e dalai lama in persoon, van wie een grote foto midden op de sprekerstribune staat, zei: "Mijn middenweg heeft gefaald." Dat zeiden vele Tibetaanse bannelingen de laatste  jaren al, maar nu krijgt die stelling de absolute zegen. Het is ook de eerste maal dat er een bijeenkomst van die omvang georganiseerd wordt in Dharamsala en met een bijzondere echo in de internationale media. Dit  grote en redelijk open "plebisciet" zou niet plaatsvinden, indien de komende strategie werkelijk "onbepaald" zou zijn en indien er geen steun in de rug zou gegeven zijn van 'internationale' strategen. "De situatie in Tibet verergert en is onhoudbaar," zegt de eerste minister en lama Samdhong Rinpoche van de "regering in ballingschap" in zijn openingsrede. De uitkomst lijkt me voorspelbaar: De "regering in ballingschap" zal een openlijk 'mandaat' krijgen van hun gemeenschap in het buitenland om zich harder op te stellen tegenover de Chinese regering. De "verregaande autonomie" zal opnieuw duidelijker "echte onafhankelijkheid" worden. Begin november overhandigden de twee vertegenwoordigers van de dalai lama een "memorandum" aan de Chinese overheid, met concrete voorstellen over hoe zij de "autonomie" in de praktijk zien. Enkele gekende stellingen staan erin verwoord: het creëren van één enkele administratieve eenheid "Groot Tibet", eentalig Tibetaans, kindmonniken opnieuw toelaten, geen bestuurscontrole op kloosters en reïncarnaties, boeddhistische psychologie, metafysiek en kosmologie als wetenschappelijke cursussen erkennen, Tibet als natuurreservaat reorganiseren op basis van de oude traditionele leefwijze, alle landeigendom in handen van Tibetanen, Tibet in zelfbeheer zonder subsidies van de centrale staat, een onafhankelijk politieapparaat in Tibetaanse handen, afzonderlijke wetgeving, immigratiestop voor niet-Tibetanen en repatriëring van vele recent ingeweken Han en andere nationaliteiten, een bureau voor internationale betrekkingen ivm "cultuur, kunst, onderwijs,wetenschap, gezondheid,sport, godsdienst, ecologie, economie, en zo verder..., met een eigen vertegenwoordiging in de internationale organen daaromtrent".  

Er zijn ook bekende stellingen van de 14e dalai lama en zijn "regering in ballingschap" niet in genoemd: het Chinese leger buiten uit "Groot-Tibet", instellen van een meerpartijenstelsel, repatriëren van Tibetaanse bannelingen in kaderfuncties, een eigen grondwet gebaseerd op het boeddhisme. ("The Offical Website of the Central Tibetan Administration" of "regering in ballingschap")

De "volksvergadering" zal waarschijnlijk een soort ultimatum stellen aan de Chinese regering: "Indien er geen positieve reactie komt op onze voorstellen binnen de x maand, dan stappen wij af van onze gematigde eis voor autonomie".

15-09-08

Nepal verstrengt houding tegenover Tibetaanse illegalen

De Nepalese autoriteiten treden strenger op tegenover Tibetaanse activisten in hun land. Tijdens de lente van 2008 werden er 106 aangehouden die tijdens demonstraties de Chinese ambassade in Kathmandu met geweld bestookten. De UNHCR (de organisatie van de Verenigde Naties voor de vluchtelingen) kreeg die 106 Tibetanen aan hen toegewezen door de Nepalese regering om na te gaan wie legaal of illegaal in het land verblijft. De illegalen zullen door het UNHCR naar India versast worden. De Nepalese inlichtingendiensten zeggen dat die 106 Tibetanen allen recent vanuit Dharamsala in India clandestien Nepal binnenkwamen om er de rellen te organiseren. Dharamsala is de zetel van de "regering in ballingschap" van de 14e dalai lama. Een aantal media suggereren dat China druk uitoefende op Nepal om strenger op te treden. Dat ontkent de Nepalese minister voor binnenlandse zaken, zeggende dat Nepal geen problemen wil met de buren en enkel de internationale praktijk volgt met betrekking tot legaal of niet legaal in een land verblijven.

(Asiaweek 12 sept 2008 en Xinhua 14 sept 2008).

09:34 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tibet, nepal, illegaal, geweld, vluchtelingen

03-05-08

Tibet: een interne Chinese aangelegenheid of een internationaal conflict?

Jean-Paul Desimpelaere 

Een lange voorgeschiedenis

Om de "kwestie Tibet" beter te begrijpen moeten we terug naar de 19e eeuw. Twee grootmachten van die tijd kwamen elkaar tegen in Azië. Engeland vanuit het zuiden, tsaristisch Rusland vanuit het noorden. China, met Tibet, lag daartussen. De gemakkelijkste hap was Tibet. Rusland veroverde Centraal-Azië, Siberië en kreeg invloed in Mongolië en in delen van Noordoost- en Noordwest-China. In Tibet kwamen Buriat Mongolen, in dienst van de Russen, op hoge posten terecht.

Het eerste Tibetaanse gebied dat door de Engelsen veroverd werd was Ladakh, definitief protectoraat van Engeland in 1846. Dit werd vastgelegd in een "vredesverdrag". Het China van de toenmalige Qing keizers wilde niet tekenen, maar lokale Tibetaanse leiders deden dat wel. Het huidige "Tibet Justice Center" (TJC)[1] haalt dit "verdrag" tussen Tibet en Ladakh aan als een bewijs van Tibet's onafhankelijkheid tegenover China, zogenaamd omdat de Tibetaanse leiders "zelfstandig hun buitenlandse koers bepaalden". Het TJC vermeldt er niet bij dat het om gewapenderhand opgedrongen concessies ging. Het eerste vernederende verdrag betreffende Tibet, dat het Chinese keizerrijk mee ondertekende, was het "Nepal-Tibet verdrag" van 1856. Dit kwam er na een korte invasie van Tibet door (Engels) Nepal. Het verdrag legde oorlogsschuld op aan Tibet en dwong handelsconcessies af. Het TJC vermeldt ook dit verdrag en de andere Tibetaanse gebieden die Engels werden (Sikkim, in 1860 en Bhutan in 1864) als "bewijs van Tibet's onafhankelijkheid".

Het laatste concessiestukje kwam er ook onder dwang. In 1904 versloeg Engeland, in zijn opmars naar Lhasa, het lokale Tibetaanse leger. Het in verval zijnde Chinese keizerrijk was niet bij machte om enige weerstand te bieden. Voor de Tibetaanse lokale elite was de nieuwe sterke macht Engeland, dat in 1913 de kersverse Chinese Republiek en de Tibetanen naar de Conferentie van Simla bracht. Engeland palmde toen het huidige Indische Arunachal Pradesh in, een gebied zo groot als Zwitserland, ten nadele van Tibet. Het akkoord van Simla wordt nu als hevigste argument gebruikt door de voorstanders van de onafhankelijkheid van Tibet, omdat alle Chinese implicatie in Tibet gebannen werd en vervangen door een exclusieve aanwezigheid van Engeland. "De facto" was Tibet onafhankelijk geworden van China, hoewel het akkoord toch de Chinese "suzereiniteit" bevestigde. Terwijl Tibet "de facto" afhankelijk werd van Engeland, voor zijn economie, zijn leger en zijn buitenlandse politiek. En bovendien een stuk grond verloor.[2] China ondertekende het verdrag niet. Dat deed het Engelse ministerie van Buitenlandse Zaken in 1915 stellen: "Het nut dat we halen uit de Simla overeenkomst blijft puur academisch aangezien ze niet ondertekend werd door de Chinese regering en ook niet erkend werd door de Russische. De overeenkomst is daardoor ongeldig."[3]  Nog aan te stippen valt dat Engeland tijdens die Simla conferentie een kaart van "Groot Tibet" naar buiten bracht, dubbel zo groot als het Tibet waar de toenmalige dalai lama over heerste.[4] Na de Tweede Wereldoorlog wisselden de hoofdrolspelers.

De USA en Mao

Tijdens de verzetsoorlog tegen de Japanse bezetting groeide in China de aanhang van de Communistische Partij. Een nieuwe wereldspeler werd ongerust. Een aantal maanden voor de communistische machtsovername in Peking in 1949, schrijft het USA Staatsdepartement voor het Verre Oosten[5]:

"(...) 2. Indien Tibet weerstand kan bieden tegen het communisme, dan is het in ons belang om het te erkennen als onafhankelijk in plaats van het te blijven beschouwen als deel van China.

3. De Tibetaanse regering is relatief stabiel. Het volk is conservatief, religieus en bereid om het boeddhisme te verdedigen tegen het communisme. Het morele gezag van de dalai lama reikt verder dan de grenzen van Tibet.

4. De Chinese overheid heeft momenteel geen effectief de facto gezag in Tibet en zal daar in de toekomst altijd moeilijkheden mee hebben.

5. De Tibetanen tonen een verhoogde interesse voor buitenlandse handel en het is in ons voordeel als die interesse westwaarts gaat."

Het rapport gaf tegelijk een aantal waarschuwingen om niet overhaast tewerk te gaan, de inhoud ervan is verhelderend voor de houding van de USA tijdens de volgende decennia:

" Het erkennen van Tibet als onafhankelijk land is voor ons niet de echte kwestie. Waar het om gaat is onze houding tegenover China. Tot nu erkenden wij de territoriale integriteit van China. Wij hebben bijgedragen tot het niet uiteenvallen van China, wij hielpen China om de uit de Tweede Wereldoorlog te herrijzen als grote macht. Wij moeten deze politiek blijven volgen zolang het niet duidelijk is dat een permanent in stukken vallen van China onvermijdelijk wordt en zolang wij geen vaste voet in Tibet hebben."

"De situatie verandert als er een regering in ballingschap zou ontstaan. In dat geval is de aangewezen politiek voor de USA om die te steunen zonder Tibet als onafhankelijk land te erkennen."

Dit was de strategie van de USA in 1949 en die is tot op heden weinig veranderd.

Daarvan was de 14e dalai lama zich toen bewust en hij vertelt het nu ook openlijk: "Gedurende de jaren vijftig hebben de Amerikanen Tibet gesteund, niet door morele overwegingen of uit sympathie, maar vanuit hun wereldwijde anticommunistische politiek"[6]. In de enkele jaren ('49-'51) voor de aankomst van het Rode Leger vroeg de jonge 14e dalai lama met zijn regering Engeland en de USA om troepen of minstens wapens[7]. Slechts Engeland leverde een beperkte hoeveelheid. "Geen enkele grootmacht gaf u reële militaire steun voor de invasie. En na de invasie bleef de UNO doof voor uw oproep. U voelde zich verraden?" vraagt Laird aan de 14e dalai lama. "Ja", antwoordt hij koudweg[8].

Het nieuwe Chinese regime wilde voor Tibet behoedzaam een trage weg bewandelen. Voorop stond de hereniging van China. Mao en het Chinese Centraal Comité beseften duidelijk dat er geen "massabasis" aanwezig was in Tibet om sociale hervormingen door te voeren. Een richtlijn van het Centraal Comité van de Communistische Partij onderstreepte dit:

 "Momenteel kunnen we het ‘17 punten akkoord van 1951'[9] niet integraal toepassen. Wij beschikken niet over de steun van de massa's en ook niet over de steun van de hogere sociale bevolkingslagen. Als we het akkoord door middel van dwang in praktijk zouden brengen zou dat meer vooroordelen dan voordelen opleveren. Zij willen het Akkoord niet integraal toepassen? Wel, we zullen er ons voorlopig bij neerleggen. (...) Laat hen maar doorgaan met het volk wreed te behandelen, wij zullen ons intussen bezighouden met positief werk zoals het organiseren van de productie, de handel, de wegenbouw, de volksgezondheid en het eenheidsfront, zodat we de massa's voor ons winnen en als de goede voorwaarden aldus vervuld zijn, zullen we de kwestie van de integrale toepassing van het Akkoord regelen. Als zij het niet het geschikte moment vinden om lagere scholen op te richten, kunnen we daar ook nog even mee wachten."[10]

De Chinese strategie was erop gericht om de heersende klasse in Tibet, inclusief de dalai lama, te winnen voor de nationale eenheid met China.[11] Bij hun aankomst in 1951 in Tibet was het Rode Leger onderworpen aan een strikte discipline, zij eisten geen voedsel op, zij lieten het aanvoeren uit de rest van China of betaalden een normale prijs ervoor bij de lokale bevolking en begonnen zelf braakliggende terreinen te beplanten voor hun onderhoud. Het lijfeigenensysteem bleef bestaan tussen 1951 en 1959. Van belang is dat het Tibet dat toen ter discussie stond, dit was binnen zijn huidige provinciegrenzen, niet het concept "Groot Tibet".

Buiten de "provincie Tibet" liep het fout

De geleidelijke politiek voor Tibet werd in de aanpalende gebieden, waar ook Tibetanen wonen - naast andere bevolkingsgroepen - in de jaren vijftig voorbijgesneld door de landhervorming die overal in de rest van China zijn weg vond. Dit was niet naar de zin van de lokale Tibetaanse grootgrondbezitters - kloosters en edellieden - in die streken. In 1956 breekt opstand los onder de Tibetaanse bevolking in de provincie Sichuan. Een groot deel van de families waren gehecht aan een klooster, zij hadden er een zoon in zitten. De paniekverhalen en de opstand naderen gedurende de volgende jaren Lhasa. Onder impuls van Gyalo Thondup, de broer van de dalai lama, die al vanaf 1951 voor Buitenlandse Zaken van de USA werkte[12], begint de CIA de weerstand te steunen.[13] Het geheel bereikt een hoogtepunt in Lhasa op 10 maart 1959 met een massale betoging voor het zomerpaleis van de dalai lama, dag waarop de dalai lama uiteindelijk toegeeft aan de tien jaar lange pogingen van de USA om hem in ballingschap te lokken.[14] Pas aangekomen in India verklaarde de dalai lama dat er "87.000 Tibetanen brutaal afgeslacht waren"[15] tijdens de opstand (die hij niet eens gezien had) in Lhasa, terwijl de totale bevolking van Lhasa, aangedikt met de vluchtelingen uit Sichuan toen ongeveer 40.000 bedroeg.[16] Het cijfer staat nog steeds op de websites van de Tibetaanse "regering" in ballingschap en van de sympathiserende groepen in het Westen.[17]

De gevluchte Tibetanen

1959 was het sein voor vele elitefamilies, met hun dienaren, om Tibet te verlaten en zich in India te vestigen. Nu zijn er 120.000 Tibetanen in het buitenland, wat neerkomt op 2% van de totale Tibetaanse bevolking in China. Naast hun persoonlijk fortuin konden de gevluchte Tibetanen van bij het begin rekenen op een flinke geldelijke steun vanwege de USA. Een voorbeeld van het jaarlijks toegekende bedrag is vermeld in de publiek gemaakte hoorzitting bij Buitenlandse Zaken van de USA in 1964: 1,7 miljoen dollar, plus 186.000 dollar voor de 14e dalai lama persoonlijk.[18] Sinds de jaren tachtig worden de Amerikaanse steunbudgetten voor de Tibetaanse gemeenschap buiten China verstrekt door diverse semiofficiële "ngo's".[19]  

Vijftig jaar propagandaoorlog

Van 1956 tot 1974 was er Amerikaanse steun voor een guerrillastrijd tegen China. Wapens werden geleverd, instructeurs en opleidingen. Een paar honderd gevluchte Tibetanen uit Oost-Tibet en Sichuan kregen zelfs een opleiding in de USA in het valschermspringen.[20] In India werd een legertje van 7.000 Tibetaanse rebellen gevormd en uitgerust.[21] Maar buiten het aanvallen van een paar camionkonvooien haalde het verzet weinig successen, de Tibetaanse bevolking in Tibet gaf ze geen medewerking en het Chinese leger was ze telkens vlug op het spoor.[22]

Veel belangrijker werd de propagandaoorlog. "Door de dalai lama naar het buitenland te brengen wilden de USA van hem een belangrijk Aziatisch symbool en woordvoerder maken van het anticommunisme. Voor de USA hield dat weinig risico in en een groot nut (...) De Tibetaanse leiders waren teleurgesteld dat de USA geen troepen stuurden"[23] Onmiddellijk in 1959 werd "schending van de mensenrechten, godsdienstvervolging en genocide" gelanceerd door de "International Commission of Jurists" (ICJ), een organisatie die vlak na de Tweede Wereldoorlog in Berlijn opgericht werd met het doel "bezwarend feitenmateriaal" te verzamelen tegen de USSR en de Oostbloklanden. In een rapport in 1959 klagen zij China aan van "het moedwillig doden van Tibetanen, waardoor een onderzoek naar genocide nodig wordt".[24]  Het is nu geweten hoe en door wie het "feitenmateriaal" voor dat dossier verzameld werd: Tashi Tsering, een gevluchte Tibetaanse intellectueel, bezocht in 1959 de vluchtelingenkampen in India en Nepal om er verhalen van moordpartijen in Tibet uit hun mond te vernemen. Hij vernam er geen. Zijn bevindingen gaf hij door aan Gyalo Thondup, de broer van de dalai lama, die er dodencijfers bijplakte en die doorgaf aan de ICJ[25]. Die geschreven getuigenissen kon Patrick French, ex-directeur van "Free Tibet" in Londen, later in het archief van de "regering" van de dalai lama in India inkijken. Zelfde vaststelling: achteraf toegevoegde cijfers van dodentallen. Bovendien: "allemaal mannen"[26], wat zou betekend hebben dat de totale mannelijke bevolking verdwenen was.

Nochtans gaat het cijfer van 1,2 miljoen doden in Tibet door de "dictatuur van de Chinezen" nog steeds de wereld rond.

In de jaren negentig, na het toekennen van de Nobelprijs aan de dalai lama, vermenigvuldigen de "Tibet Support groepen" en hun internetsites zich in Europa en de USA, tot zelfs in de vroegere Oostbloklanden. Er kwamen "Tibet Bureaus" (vertegenwoordiging van de "regering in ballingschap") in verscheidene wereldhoofdsteden.[27] Soms werden hiervoor speciale budgetten uitgetrokken door Buitenlandse Zaken van de USA: 75.000 dollar voor de bureaus in New York en Genève.[28] Enkele duizenden comités verspreid over de Westerse wereld (tot in Liechtenstein) namen het voortaan op voor de onafhankelijkheid van Tibet. De aantrekkingskracht bij onze intellectuelen nam dikwijls de vorm aan van een verwesterde versie van het Tibetaanse boeddhisme, een soort "boeddhisme light", ontdaan van zijn vele goden en van tal van Tibetaanse tradities, een "nieuwe" spiritualiteit. Maar onder de monniksmantel van de "lama" zat een politieke boodschap, die mee gecommunieerd werd: "Tibet is bezet en moet onafhankelijk worden".

Toonaangevers in de "informatiecampagne" zijn: International Campaign for Tibet (ICT), China Digital Times (CDT) en TibetInfoNet (TIN). Aan het hoofd van ICT (USA) staat John Ackerly, die volgens zijn curriculum zijn eerste sporen verdiende in het organiseren van de oppositie in de vroegere Oostbloklanden.[29] Erevoorzitter van het ICT is de acteur Richard Gere, uitvoerend voorzitter is Lodi Gyari, de officiële vertegenwoordiger van de dalai lama in de USA. Bij de raadgevers en bestuursleden zijn er diverse ex-functionarissen van de Amerikaanse overheid. Het ICT heeft een kantoor in Brussel, Amsterdam en Berlijn.

CDT is verbonden aan de Ford Foundation en de Dalai Lama Foundation.[30]

Het TIN (Londen) profileert zich als niet-militant, als databank voor onderzoekers, politici en...wikipedia. Het is daarom niet minder "gekleurd". De overdrijvingen in de propaganda van de actiegroepen zijn niet aanwezig op de website van TIN. Maar het blijft een spreekbuis voor de onafhankelijkheid van Tibet. Vele van hun artikels zijn "anonieme getuigenissen". Toch gebruiken bv. Franse Tibetologen  het TIN als "referentie"-materiaal.[31] 

Onafhankelijkheid of "betekenisvolle autonomie"?

In zijn toespraak voor het Amerikaanse Congres in 1987 heeft de dalai lama het nog over "onafhankelijkheid". In 1988 echter, in een toespraak voor het Europees Parlement verandert de terminologie: "de middenweg" of "betekenisvolle autonomie". In het ontwerp voor een grondwet voor Tibet[32], geschreven door de dalai lama in 1992, staat duidelijk wat de inhoud is van die "betekenisvolle autonomie": het gaat over "Groot Tibet" (1/4e van China), gedemilitariseerd (Chinees leger buiten), eigen grondwet gebaseerd op het boeddhisme, Tibet voor de Tibetanen ("ingeweken" Chinezen buiten), meerpartijenstelsel en vrije markt. Voor het Amerikaanse Congres in 1987 gebruikte de dalai lama het cijfer van 7,5 miljoen om aan te duiden hoeveel Chinezen "zijn land" uitmoesten. In een interview met de Süddeutsche Zeitung (22.09.2007) zegt hij: "Alle Chinezen die Tibetaans spreken en de Tibetaanse cultuur respecteren mogen blijven, in zoverre zij niet met te veel zijn. Alle Chinezen die denken dat de Tibetanen stinken moeten beter ons land verlaten." 

De voorbereiding van de rellen van maart in Lhasa

Van 11 tot 14 mei 2007 hield het internationale netwerk van "Tibet Support" groepen een conferentie in Brussel. Ze was de 5e van dien aard. De vorige was in Praag, in 2003, in aanwezigheid van de dalai lama zelf. De hoofdorganisatoren in Brussel waren: de "regering" in ballingschap van de dalai lama en het ICT. In het totaal waren er 181 groepen vertegenwoordigd, gespreid over 56 landen. Onder leiding van de "eerste minister" en de "minister van informatie" van de dalai lama - deze laatste wordt door zijn aanhangers nog steeds als "staatshoofd" aanzien - werd een actieplan opgesteld in het vooruitzicht van de Olympische Spelen.[33] Dit was het belangrijkste onderwerp van de conferentie, zoals blijkt uit de korte externe verslaggeving.

Volgde in augustus 2007, één jaar voor de Olympische Spelen, de "officiële" start door het ICT in de USA van de halve of hele boycot van de Spelen, met een reeks betogingen en T-shirts.

In januari 2008 vormden de Tibetanen in India het overkoepelende "Tibetan People's Uprising Mouvement" (TPUM)[34], een front voor de opstand, dat geweld niet uitsluit. Alle Tibetaanse verenigingen in India maken er deel van uit. Enkel de dalai lama in persoon houdt nog de "geweldloze" façade overeind. Hoewel, op 22 januari deed hij een oproep op de Engelse ITV om "te betogen". In februari 2008 kregen 40 kaders van TPUM een vorming in "actiecoördinatie". Eén van de lesgevers was de hoofdredacteur van het door de USA gesponsorde "Voice of Tibet".[35] 

Op 10 maart, de herdenkingsdag van de opstand van 1959 in Lhasa, hield de dalai lama een hevig discours, waarin hij ondermeer "bidt voor de heldhaftige Tibetanen die hun leven gaven voor de vrijheidstrijd".[36] In de Westerse hoofdsteden, in India en Nepal waren er betogingen voor de Chinese ambassades. De Tibetaanse organisaties in India hadden telefonisch contact met verbindingsmensen in Lhasa.[37]  Volgden op 14 maart de bloedige raids van groepjes Tibetanen in Lhasa.

Tibet veroveren of Peking veroveren?

Net zoals de USA in 1949 zeiden: "voor ons gaat het niet om Tibet maar om China" (zie hoger), is dit nu net hetzelfde. Het communiqué van de conferentie in Brussel in mei 2007 vermeldt: "wij hopen dat de vrijheid voor de internationale media naar aanleiding van de Olympische Spelen uitgebreid wordt naar de Chinese media zelf." "Persvrijheid" is het eerste breekijzer om een tegenmacht in Peking te kunnen opbouwen. De "openheid" van de Olympische Spelen is de deur waarlangs zij met een blijvend ticketje binnen willen. Nancy Pelosi, voorzitster van het Amerikaans Congres, eist zelfs een "USA bureau in Lhasa", voor "neutrale waarneming".[38] De dalai lama vraagt "persvrijheid en transparantie".[39] Hij en zijn vrienden willen China een andere ideologie bezorgen: "De Chinezen zijn radicaal materialistisch en communistisch. Dat is belachelijk. Zij waren vroeger boeddhistisch. Ik ben steeds bereid hen spiritueel te dienen en ik zal een zuiveringsceremonie uitvoeren op het Tian an Men plein om er de duizenden doden te herdenken."[40]   

Een bekende activist voor de onafhankelijkheid van Tibet, Jamyang Norbu (veteraan van de guerrilla tegen China in de jaren zestig): "Net zoals de val van de Berlijnse Muur vrijheid bracht voor een aantal landen, kan de onafhankelijkheid van Tibet de vrijheid van buurvolkeren bevorderen, zoals Birma, Oost-Turkestan (de actuele Chinese province Xinjiang), Binnen-Mongolië (eveneens een Chinese provincie) en  evengoed voor het Chinese volk zelf."[41] De inzet is duidelijk: China doen uiteenvallen. De sponsors zijn ook duidelijk: de USA. En het middel is Tibet.

Waarom NU de "Himalaya muur" proberen aan het wankelen te brengen?

De USA zitten in een diepe crisis en China wordt alsmaar sterker. Op alle continenten wordt China een geduchte concurrent voor de USA. Voor Afrika is China de derde handelspartner geworden, na de USA en Frankrijk. Voor China zelf is Europa de belangrijkste handelspartner.[42] De Amerikaanse democraat John Murtha, voorzitter van de Congrescommissie voor defensie, vindt dat Irak minder aandacht moet krijgen en China meer: "Wij moeten militair in staat zijn om China of Rusland of gelijk welk ander land, dat voor ons een uitdaging wordt, te stoppen."[43] 

Felle tegenwind

De USA sturen aan op een soort "oranje revolutie" in China. Maar de huidige media-aanval op China bereikte voorlopig het tegenovergestelde: De bevolking is er bijzonder verontwaardigd over de vervormde beeldvorming in het Westen. Voor het eerst ook in de geschiedenis komen Chinezen in het buitenland op straat en op internet om de eenheid van China en de rechtmatige plaats van China in de wereld te verdedigen. Een Chinese student postte op het web volgende samenvattende regel: "Toen China zwak was, kwamen jullie westerlingen met een leger jullie ‘rechtmatig' deel opeisen (de concessies). Toen wij de gebroken potten weer lijmden (het land herenigden) riepen jullie ‘Tibet Vrij', ‘Invasie'".[44]

De Chinese leiders beseffen dat zij sinds de val van de Muur van Berlijn de mediaoorlog onderschat hebben, dat vertelden mij correspondenten van ginder. Voor het eerst ook zagen wij pogingen van Chinese diplomaten of studenten om op TV of radio hun klok, soms onhandig, te laten horen, geluid dat vijftig jaar lang afwezig of minstens ongehoord was. De overheid in China had alles gezet op de ontwikkeling van de Tibetaanse gebieden. Massa's geld voor de uitbouw van infrastructuur, onderwijs, gezondheidszorg, landbouw en lichte industrie. Daarmee hoopten zij "door feiten, door daden" de basis van de in het buitenland gevestigde separatisten te verkleinen. Tibet is geen "kolonie" waarop China zich verrijkt. Het "autonoom" budget van Tibet is voor 90% gespijsd door de centrale kas.[45] Het gaat over een bedrag van meer dan 2 miljard dollar per jaar, groter dan de Europese ontwikkelingshulp aan Afrika. In Afrika wonen een paar honderd miljoen mensen, in Tibet 3 miljoen. Stel dat Tibet onafhankelijk wordt: wie zal zoveel centen ophoesten? In Tibet is onderwijs en gezondheidszorg gratis, boeren en herders hoeven geen belasting te betalen. Er zijn subsidies voor huizenbouw, voor serres, voor zonnepanelen, voor methaankachels. Maar dit alles is niet geweten wereldwijd. China won misschien op gebied van de lokale ontwikkeling, maar is in het defensief gedrongen in de internationale mediaoorlog.

Toch krijgt China steun in het huidige conflict. En niet weinig. Quasi de volledige "derde wereld" schaarde zich niet achter het concert van "veroordeling": Centraal-Azië, Afrikaanse staten, Zuid-Amerikaanse, Aziatische.[46] Het Europees kapitaal twijfelt en is verdeeld over de keuze: USA of China. Maar dat is een ander hoofdstuk.


[1] "Tibet Justice Center" (TJC), tekst "Tibet's Sovereignety and the Tibetan People's Right to Self-Determination", paragraaf: "The Government of Tibet was capable of entering into international relations and had entered into such relations repeatedly", website TJC. www.tibetjustice.org.materials/treaties/index.html en www.tibetjustice.org/reports/sovereignty/independent/a/in....

Het TJC is in 1989 opgericht door Walt Van Praag, juridisch adviseur van de 14e dalai lama. De organisatie is gebaseerd in de USA maar huist ook in het "Tibet Bureau" (van de Tibetaanse "regering in ballingschap") in Genève, alwaar ze als NGO gehoord worden door UNO instanties. Het TJC is lid van het "International Tibet Support Network" en verstrekt jaarlijkse vorming over "zelfbestuur" aan Tibetaanse bannelingen in India.

[2] De volledige tekst van het Simla akkoord is ondermeer te vinden in Goldstein, "A History of Modern Tibet, 1913-1951, The demise of a lamaist state", appendix C, University of California press.

[3] Foreign and Political Department, Government of India, brief 448EB, 3/9/1915.

[4] Goldstein (zie hoger), volume 1, pag. 70-74.

[5] Bacon Ruth, US Office of Foreign Affairs, FRUS, memorandum to the Chief of the Division of Chinese Affairs of the State Department (Sprouse), 693.0031 Tibet/I-849-12/4/1949. Website Wisconsin digital library.

[6] Laird, "Une histoire du Tibet, conversations avec le dalaï-lama », pag. 305, Plon, 2006.

[7] Een brief van het Tibetaanse bureau voor betrekkingen met het buitenland, geciteerd door Goldstein,vol 1, pag. 625.

[8] Laird, idem, pag. 311.

[9] In het « 17 punten akkoord » tussen de centrale Chinese regering en de regering van de dalai lama stond dat "sociale hervormingen in overleg" moesten gebeuren.

[10] Mao Ze Dong, "Principes politiques pour notre travail au Tibet, directives du Comité Central du Parti Communiste Chinois, avril 1952", Oeuvres Choisis, tome V, Beijing, 1977.

[11] Renmin Ribao (Volksdagblad), 26/5/1951.

[12] Goldstein, "A History of Modern Tibet,volume 2, The calm before the storm: 1951-1956", University of California Press, 2007, pag. 240-241

[13] Conboy, "The CIA's Secret War in Tibet", pag. 36, "Modern War Studies", University of Kansas, 2002

[14] Zie bv. Een brief van USA ambassadeur Henderson, 17/9/1951, aan de dalai lama. In extenso in Goldstein, volume 1, pag. 808-809.

[15] Barry Sautman, « Contemporary Tibet », M.E. Sharpe, USA, 2006, page 245

[16] Barbara Erickson, « Tibet, Abode of the God », USA,1997, pag. 197

[17] Department of Information, Tibet Government in Exile, 1993 : "Tibet, proving Truth from facts" 

[18] FRUS (Foreign Relations of the US), Volume 1964-1968, 337, 9/1/1964

[19] Ondermeer : NED of National Endowment for Democracy (afsplitsing van de CIA, opgericht in jaren zeventig, Tibet Fund, International Campaign for Tibet (ICT), Bureau of Democracy, Human Rights and Labor van het ministerie van BZ..

[20] Mikel Dunham, "Buddha's Warriors" (met voorwoord van de dalai lama), pag. 314 e.v., 2004, USA.

[21] De SFF, Special Foreign Forces, zie Conboy, pag. 247

[22] Conboy (zie hoger), pag. 141-143

[23] Goldstein (zie hoger), vol 2, pag. 119 en 145.

[24] ICJ Report on Tibet 1959,te vinden o.m. op de website van de Tibetaanse "regering" in ballingschap http://www.tibet.com/  

[25] Tashi Tsering, Goldstein en Siebenschuh, « The struggle for modern Tibet, the autobiography of Tashi Tsering", M.E. Sharpe, USA,1997, pag. 57

[26] Patrick French, « Tibet, Tibet », Albin Michel, 2005, pag. 324

[27] New York, Washington, Genève, Brussel, Tokyo, New Delhi, Londen, Parijs, Canberra, Pretoria, Taiwan, Moskou.

[28] FRUS, 9/1/1964

[29] ICT, website, staff members, short biography of J. Ackerly.

[30] Michael Barker, Global Research, 29/3/2008. http://www.globalresearch.ca/

[31] Zoals in het boek « Le Tibet est-il chinois ? Réponses à cent questions chinoises », AM Blondeau en Katia Buffetrille, Albin Michel, 2002.

[32] "A vision for a future free Tibet », website « regering » in ballingschap van de dalai lama.

[33] Tibetan Bulletin (officieel tijdschrift van de dalai lama en zijn "regering"), mei-juni 2007, volume 11, nr 3.

[34] Website TPUM, http://tibetanuprising.org/, beginselverklaring. In de inleiding staat nog steeds het uitgevonden "historisch" cijfer van méér dan 1 miljoen doden.

[35] Website « Phayul », Tibetan People's Uprising Movement to reinvigorate the tibetan freedom movement, 20/2/2008.

[36] Persoonlijke website dalai lama, speech 10 maart 2008.

[37] Mathieu Ricard, persoonlijke Franse tolk van de dalai lama, Télérama France, 16/4/08

[38] Resolutie 1077 van het Amerikaans Congres, ingediend op 3 april 2007 en aangenomen door het Congres.

[39] Persoonlijke website dalai lama, speech 10 maart 2008

[40] Interview met "Le Nouvel Observateur", 17/01/2008

[41] Website « Phayul », artikel van Jamyang Norbu, 4/7/2007

[42] Europa voert méér in uit China dan uit de USA. Voor de Europese uitvoer is China bestemming nummer twee. Bron: Eruopean Commission, external Trade, 2006.

[43] Reuters, 5/2/2008

[44] www.wforum.com/gbindex.html, 10 april 2008.

[45] Economische statistieken China.

[46] Xinhua, 22/03/2008

21:33 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: geweld, dalai lama, china, usa, internationaal, tibet

13-04-08

mediakwakkels

Ik heb nog nooit zoveel Nepalese politiemannen in foto gezien, met als onderschrift: "onlusten in Tibet".

Volgende link is verhelderend:

http://www.quant-media.com/pubcollections.html


 Er staat ook meer op die site dan Nepalese politiemannen. 

21:35 Gepost door infortibet in rellen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: china, geweld, media, tibet